Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Aangroeide.

Aangroeide

Aangroeide | Aangroeien | Aangroei | Aangroeiden

Voorbeeldzinnen (8)

Uit een analyse van de jaarrekeningen blijkt dat de geconsolideerde winst aangroeide met 10 à 20 procent per jaar.

Daar stond tegenover dat de bibliotheek fors aangroeide door toewijzing van boeken uit religieuze instellingen die waren of werden opgeheven.

De groep werd gevolgd door een massa volk die aangroeide naarmate men de bouwplek Tourette (ook Tourelle genaamd) naderde.

In eerste instantie was er daardoor maar één rijstrook vrij, waardoor de file ondanks het vroege uur snel aangroeide.

Iedere dag werd zijn lever er door een adelaar uitgerukt, waarna het orgaan ‘s nachts weer aangroeide om vervolgens weer uit zijn lichaam gerukt te kunnen worden.

Een kopgroep, die in een razendspannende laatste ronde nog met enkele elementen aangroeide, helààs zonder Belgen.

Omdat de communiteit reeds maar aangroeide, begon met de bouw van een klooster.

Een en ander beviel de gildeleden zo goed, dat al spoedig door mond-tot-mond reclame het ledental aangroeide tot ongeveer 50. Per 1 mei 1989 werd gestart.