Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Aankijkend.

Aankijkend

Aankijkend | Aankijkende

Voorbeeldzinnen (9)

Ik zie ons nog wegrijden in de bloedhitte, elkaar vertwijfeld aankijkend, maar het moest, het was het cadeau, we moesten ons er maar overheen zetten.

Van de Vliet naar Zoetermeer loopt het fietspad constant omhoog, met tegenwind en regen haalde de ene na de andere bejaarde me bijdehand aankijkend met 40km/u fluitend in met de elleboogjes op het stuur.

Schichtig over straat lopend, niemand aankijkend.

George Stubbs: A Celebration opent met een portret van een guitig aapje dat bezig is een perzikboom leeg te snaaien, de toeschouwer schuldbewust aankijkend.

Een eindje voor we het veldje naderen, loopt Rufus naar een grasrand aan de kant van de weg en staat stil, mij aankijkend.

Me intens aankijkend draai je kringetjes met je hand, het heerlijke vocht uitwrijvend.

Ze pakt zijn hand vast en likt de vinger af die maar haar kutje smaakt, hem met haar geile ogen aankijkend.

Zo vaak hebben we, onderweg naar plaatsen als Venetië, Santiago de Compostella en de Middellandse Zee, stilgestaan bij woningen langs de weg te koop stonden, elkaar aankijkend….

Zijn vader aankijkend antwoordt Falcon: „Maar jullie zeiden toch dat het allemaal voor de show was?�? Blitzer vraagt daarop vader Feene, die het tijdens de hele beproeving aan media-aandacht niet was ontbroken, om uitleg.