Voorbeeldzinnen (20)
Toen ik aankwam op het vliegveld belde ik haar.
De trein was al aan het vertrekken toen ik in het station aankwam.
Betty was de laatste die aankwam.
Toen ik aankwam bij de halte, was de bus al vertrokken.
Dat is gebeurd voordat uw brief aankwam.
Toen de MUG aankwam was de gewonde al overleden.
Van zodra hij aankwam, vroeg hij om een maaltijd.
Ze stierf nog voor ik er aankwam.
Ik was aan het slapen toen mijn trein in het station aankwam. Daarom ben ik niet uitgestapt.
Toen hij aan het station aankwam, belde hij een taxi.
Het vuur werd geblust nadat de brandweer bij het huis aankwam.
Toen ik in het station aankwam, was de trein al vertrokken.
Hij lag in een doodsstrijd tot de dokter aankwam.
Vooraleer de auto in de stad aankwam, viel hij zonder benzine.
Tom was dood tegen de tijd dat de ambulance aankwam.
Het vliegtuig was al weg toen ik op de vlieghaven aankwam.
Ze had vanavond niets te eten, en haar kinderen hadden niet langer de kracht om te huilen, ze zwegen toen ik aankwam.
Het was bijna donker toen ik aankwam.
Het was bijna donker toen ik daar aankwam.
Toen hij aankwam, reed de bus net weg.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl