Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Aantreffen.

Aantreffen

Aantreffen betekenis

ontmoeten, vinden

Voorbeeldzinnen (20)

Je zult dat huis leeg aantreffen.

Wat gaat Tom aantreffen?

Tom had geen idee wat hij zou aantreffen.

Ik dacht echt dat ik thuis een circus zou aantreffen.

Als ze ons beiden tegelijkertijd aan het werk aantreffen.

Zal thuis komen en schone kleden aantreffen.

We moeten voorbereid zijn op wat we zullen aantreffen.

Ik ben niet het type dat ze dood, met in pot pillen, aantreffen.

Als mensen een grote plas bloed aantreffen op hun werkplek... dan stellen ze meestal vragen.

Aan de straatzijde is een openbaar toiletgebouw ontsloten voor buurtbewoners, die er een brandschoon toilet aantreffen.

Agenten rennen richting het geluid, waar ze een persoon aantreffen die past bij het signalement.

Alleen een dwaas verwacht dat de IDF daar nog gijzelaars of Hamas-leiding zal aantreffen.

Als de boa’s iemand aantreffen met vuurwerk kunnen zij hiervoor een boete opleggen.

Benieuwd waar precies op de piste ik de klimaatplakkers ga aantreffen!

Bij diverse winkels kun je nog wel exemplaren aantreffen.

Bij het aantreffen van het vuurwapen werd besloten de politie erbij te betrekken.

Bij ons zul je tevens geen tierende ouders langs de kant aantreffen.

Dat is hoe we Nigel de Jong veel aantreffen tijdens het WK in Australië en Nieuw-Zeeland.

De gevoelige data die ze daar aantreffen proberen ze in versleutelde archiefbestanden weg te sluizen via cloudopslagdiensten als Microsoft OneDrive.

De kleine glimworm kun je aantreffen rond Nijmegen.