Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Aardbeien.

Voorbeeldzinnen (20)

Hij deed dat met een tentoonstelling van aardbeien en een stoet die besloten werd met een offering van aardbeien op Gaverland waarbij elke kweker een kistje aardbeien offerde.

Het is verleidelijk die aardbeien wel te nemen, nu er amper tot geen aanbod aan Hollandse aardbeien zijn.

Aardbeien invriezen kun je het beste doen door de kroontjes er eerst af te halen, de aardbeien te halveren en met voldoende ruimte ertussenin eerst los van elkaar (bijvoorbeeld op een bakplaat) in te vriezen.

Als ik in de zomer veel trek heb in aardbeien, koop ik dus gewoon aardbeien.

Aardbeien uit de eigen tuin zijn namelijk vele malen zoeter dan de aardbeien uit de supermarkt.

De verschillen zijn te vergelijken met de verschillen tussen aardbeien van de Albert Hein, of aardbeien van de Aldi.

Spaanse aardbeien moeten groenerSpaanse aardbeien gaan bij ons al een paar maanden vlot over de toonbank.

Chocolade aardbeien Een overheerlijke traktatie: aardbeien overgoten met een chocolade laagje.

De mand zat tot de rand toe vol met aardbeien.

Zij houdt van aardbeien, en haar zus houdt van appels.

In tegenstelling tot aardbeien, is ananas ook lekker uit een blik.

Toen hij 14 jaar oud was, begon hij aardbeien te planten.

Hebt u verse aardbeien?

De verse aardbeien gingen als warme broodjes van de hand.

"Waar ga je met die mest heen?" "Die is voor op de aardbeien." "Bah! Wij doen er room op!"

Het is al tijd om de aardbeien te plukken.

Ik heb een vriend die zijn hond aardbeien te eten geeft.

„Wat doe je met die mest?” „Die is voor op de aardbeien.” „Jakkes! Wij doen er room op!”

Leg de aardbeien maar op het aanrecht.

Waar zijn de aardbeien?