Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Aarsvin.

Aarsvin

Aarsvin | Aarsvinnen

Aarsvin betekenis

vin bij de aars

Voorbeeldzinnen (20)

Bij de maanvis bewegen de rugvin en de aarsvin in de zo karakteristieke wrikkende beweging.

Bij deze opvallende vissen zijn de rug- en aarsvin ver naar achteren geplaatst, waardoor de vissen "half-af" lijken te zijn.

De borstvinnen hebben 5 tot 10 zachte stralen, net als de rugvin en de aarsvin heeft tot 4 stralen.

De determinatie is lastig, de baarddraden zijn langer, de anus ligt dichter bij de buikvinnen dan bij de aarsvin en de schubjes op de rug zijn gekield.

De eerste vier vinstralen van de aarsvin zijn stekelvormig.

De grijze grondkleur is zeer donker; op de flanken tekenen zich twee gebogen witachtige strepen af tussen de ver naar achteren geplaatste rug- en de aarsvin.

De kleur kan variëren tussen blauwgroen, grijsachtig tot olijfgroen, met een blauwe rand rondom de rug- en aarsvin.

De rug- en aarsvin hebben op de buitenrand een licht turquoise kleur.

De rug- en aarsvin zijn bijna symmetrisch en naar achteren geplaatst.

De rugvin strekt zich uit van net achter de kop over de rug waar hij naadloos aansluit op de staart- en aarsvin.

De soort heeft één rugvin en één aarsvin; deze vinnen hebben geen stekels.

De tweede rugvin en de aarsvin zijn hoekig en de staartvin is gevorkt.

De vis heeft één rugvin met 81-91 vinstralen (geen stekels) en één aarsvin met 61-69 vinstralen.

De vis heeft één rugvin met negen stekels en 13-15 vinstralen en één aarsvin met drie stekels en acht vinstralen.

De vis heeft één rugvin met zeven stekels en 18 tot 20 vinstralen en één aarsvin met drie stekels en 15 tot 20 vinstralen.

De vis heeft geen buikvinnen; de rug- en de aarsvin zijn ver naar achteren geplaatst.

De vis heeft twee rugvinnen (drie stekels en 28-30 vinstralen) en één aarsvin met 25-27 vinstralen.

De vis heeft twee rugvinnen (zes stekels en negen vinstralen) en één aarsvin (met negen vinstralen).

Deze 27 cm lange vis had een vrij hoog lichaam met een diep gevorkte, homocerke staart, een door 9 ongelede, benige vinstralen ondersteunde rugvin, een vrij goed ontwikkelde aarsvin en een tamelijk ver naar voren geplaatste buikvin.

Deze vis heeft een langgerekt, samengedrukt lichaam met een ver achterwaarts geplaatste rug- en aarsvin.