Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Abdissen.

Abdissen

Voorbeeldzinnen (20)

De twistvraag gaat steeds over de benoeming van hogere geestelijken (rijksbisschoppen) en de abten en abdissen van rijksabdijen (geestelijke instellingen onder voogdij van de keizer).

De vorige abdissen hadden immers lange tijd nagelaten de door de abdij beheerde parochies te onderhouden.

Deze laatste wijdde gewoonlijk de abdissen van Gandersheim.

In de middeleeuwen waren de abdissen meestal afkomstig uit de adel of het patriciaat.

In werkelijkheid betrof het de beenderen van een van de abdissen van het Stift Quedlinburg.

Men heeft lang gedacht dat de Codex Eyckensis geschreven was door Harlindis en Relindis, de eerste abdissen van de abdij van Aldeneik, die later beide heilig verklaard zijn.

De boeren die de boerderijen bewoonden waren van oorsprong allemaal horig aan deze kloosters en waren verbonden aan de grond en hun heer, de abten of abdissen.

Ten Have Baarn) verscheen een boek waarin leiders van kloosters (abten, abdissen, enkele priorinnen) openhartig over hun leven vertellen.

Abdissen voeren hun kromstaf als teken van hun "moederlijke potestas", Heim spreekt van een "Potestas dominitava ecclestiastica" niet van hun rechtsmacht.

De abdissen en prioressen van hun kloosters voeren geen kromstaf, maar zij plaatsen als teken van hun waardigheid een kroon op hun wapenschild.

De abdissen van de Brigitinessenkloosters dragen een kroon op hun schild en anderen brengen palmtakken of een gevlochten koord rond hun wapenschild aan om aan te duiden dat het het wapen van een vrouw is.

Tussen 1000 en 1100 werd waarschijnlijk al een stenen kerk gebouwd door de abdissen van Thorn.

Volgens de Orde van St. Benedictus (OSB) moesten abten en abdissen de leeftijd van 60 jaar hebben bereikt om als zodanig verkozen te worden.

Zijn opvolger Andoche Pemot (1727-1748) stuurde een ordonnantie aan de abdissen en zusters van het land van Luik.

Zij waren de eerste abdissen van het Klooster van Aldeneik dat rond 750 werd gesticht door de Frankische edelman Adalhard en zijn vrouw Grinuara.

Aan de realisatie van de bouwplannen onder impuls van de twee vorige abdissen kwam definitief een eind in 1794 na de komst van de Franse bezettingstroepen.

Berkvens, p. 55. De abdissen trachtten hun aanzien in de Nederrijns-Westfaalse Kreits te vergroten, door zich niet langer domina (landsvrouwe) te noemen, maar principessa of vorstin.

Het concilie bepaalde dat bisschoppen, abten en abdissen, bij ziekte of vanwege hun leeftijd, een coadjutor of coadjutrix konden kiezen, die het recht had om hun op te volgen.

Het zwaard kwam echter in een tijd naar Essen, toen in het sticht de abdissen Mathilde, Sophia en Theophanu aan het hoofd stonden.

In de 12e eeuw werd deze abdij een wereldlijk sticht waarvan de abdissen uiteindelijk prelaten werden, zodat hun machtsgebied tot vorstendom werd verheven.