Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Academietijd.
Academietijd
Academietijd betekenis
periode dat men heeft gestudeerd aan een hogeschool of universiteit
Voorbeeldzinnen (9)
Vanaf dat moment vatte hij de abstract-expressionistische draad uit zijn academietijd weer op.
Na zijn academietijd maakte Kobe op 25-jarige leeftijd een reis van een jaar door Midden- en Zuid-Amerika.
Ik kom in de meeste al sinds mijn academietijd (1964-1968).
Daarbij lijven veel van die buitenlandse studenten na hun academietijd in Nederland te blijven hangen – mede dankzij het goed geoutilleerde subsidiestelsel, de relatief goedkope atelierruimten en het brede aanbod van kunstinstellingen en musea.
De geometrische constructies tonen een zich losmaken van zijn academietijd, een bevrijding van een klassieke opvoeding en van een nieuw beginnen, dat samenviel met de vernieuwingen van de jaren zestig.
Hij dient zich elders weer aan met zijn eerste monochrome schilderijen; studies uit zijn academietijd in de jaren zeventig, antwoorden op de wereld.
Al tijdens zijn academietijd raakte Herbert Nouwens in de ban van staal: lassen, snijden, knippen, smeden.
In het begin, net na haar academietijd, maakte ze van ribkarton heel grote figuren die ze beschilderde en daarna fotografeerde.
Rien Poortvliet en hij kenden elkaar uit hun Arnhemse academietijd.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl