Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Adenovirus.

Adenovirus

Adenovirus | Adenovirussen

Adenovirus betekenis

familie van virussen die verkoudheden veroorzaken

Voorbeeldzinnen (16)

Rest de voorlopig leidende hypothese: dat er sprake is van een nieuw adenovirus of een al bestaand adenovirus dat kinderen om een of andere reden extra ziek maakt.

Dat bijkomende virus zou mogelijk een nieuwe stam van het adenovirus zijn, een courant voorkomend verkoudheidsvirus.

De berg zou in dat geval het milde adenovirus zijn en de ijzige hepatitis-top steekt dan maar bij enkele ernstige gevallen boven de wolken uit.

Het adenovirus is een veelvoorkomend virus onder kinderen en is sowieso wijdverspreid.

Een vectorvaccin bestaat uit een onschadelijk gemaakt adenovirus (een verkoudheidvirus in dit geval) dat de genetische code van het coronavirus bevat.

Om het vaccin te ontwikkelen, hebben de onderzoekers het spike-eiwit van het virus – dat het het virus helpt om menselijke cellen binnen te dringen – ingebracht in een gemodificeerd adenovirus.

Platform (vaak een adenovirus) wordt in sommige gevallen al jaren gebruikt.

Gentherapie met gebruik van een adenovirus vector.

Dat kun je doen door een speciaal daarvoor aangepast virus, veelal een adenovirus, als vehikel te gebruiken.

Dit ziektebeeld kan veroorzaakt worden door een aantal infectieuze oorzaken waarvan de belangrijkste het ‘parainfluenzavirus’, het ‘Canine Adenovirus type 2’ en de ‘bordetella bacterie’ zijn.

Ze verpakken daarbij de genetische code in een adenovirus (AAV) dat ze onder het netvlies injecteren.

Het antitumor effect is echter nog gering, mede door het ontbreken van de adenovirus receptor (CAR) op tumoren.

Recent onderzoek heeft aangetoond dat besmetting met een adenovirus zwaarlijvigheid bij dieren (o.a. kippen en muizen) kan veroorzaken.

Ook is er het risico dat de vector, zoals bijvoorbeeld het adenovirus, ziekte kan veroorzaken.

Tot en met medio 2008 had het gebruik van een adenovirus één dode tot gevolg.

Zo heeft recent onderzoek aangetoond dat besmetting met een adenovirus zwaarlijvigheid bij dieren (o.a. kippen en muizen) kan veroorzaken.