Vraag je je af hoe je Afleren in een zin gebruikt? Hieronder staan 10+ voorbeeldzinnen uit authentieke Nederlandse teksten. Inclusief de betekenis en synoniemen zoals ontwennen.
Afleren in een zin
Afleren betekenis
leren iets niet langer te doen of een fout in het geleerde te verbeteren
Synoniemen van Afleren
Gebruik van Afleren
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: leren iets niet langer te doen of een fout in het geleerde te verbeteren
- Vergelijkbare woorden zijn onder meer: ontwennen.
- In het voorbeeldencorpus komt afleren vaak voor in combinaties zoals: het afleren, afleren van, afleren om.
Context rond Afleren
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 14.2 woorden
- Plaats in de zin: 1 begin, 3 midden, 16 einde
- Zinsoorten: 19 stellend, 1 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Afleren
- In deze selectie staat "afleren" meestal aan het einde van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 14.2 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral vloeken, perfect en kunt op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "afleren".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn aan of afleren en in en beter kunt afleren. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "afleren" dicht bij woorden als accepteerden, achterhaalt en acrylverf, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met afleren
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
En ik zal dat vloeken afleren. (6 woorden)
Ik hoop dat mensen dat afleren. (6 woorden)
Zal het de persoon wel afleren. (6 woorden)
Naar de laatste twee, die over hun vak vertellen, wordt ademloos geluisterd; de arts, die de lof zingt van zelfverbetering en het afleren van slachtoffergedrag, stuit op onwil en weerzin. (30 woorden)
Dus ook dit soort gasten bont en blauw slaan (wat eigenlijk niet zo gek idee is ook) - helaas de enige manier hoe ze het afleren. (25 woorden)
Allemaal aanklagen voor doodstraf of moord zelfs wellicht, zodat ze eens afleren om als laffe groep de grote jongen uit te hangen. (22 woorden)
Kunnen die sissende spugers niet gewoon dat ziekelijke gedrag afleren? (10 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
En ik zal dat vloeken afleren.
Als de tbs-er wil herintreden in de maatschappij, moet hij vooral dingen gaan afleren.
Dus ook dit soort gasten bont en blauw slaan (wat eigenlijk niet zo gek idee is ook) - helaas de enige manier hoe ze het afleren.
Florreke is nu op de leeftijd dat ze dat begint te doen, maar dat kan je perfect afleren.
Het lijkt een onschuldige bezigheid, maar toch zijn er verschillende redenen waarom je dat gepeuter beter kunt afleren.
Ik hoop dat mensen dat afleren.
Ik hoop dat we collectief de overtuigingen kunnen afleren, die ons ertoe aanzetten onszelf lager in te schatten.
Je vult in welke gewoontes je wil aan- of afleren en in een overzichtelijk schema houd je bij of dat lukt.
Kunnen die sissende spugers niet gewoon dat ziekelijke gedrag afleren?
Naar de laatste twee, die over hun vak vertellen, wordt ademloos geluisterd; de arts, die de lof zingt van zelfverbetering en het afleren van slachtoffergedrag, stuit op onwil en weerzin.
Ongezonde afleren is volgens de vorsers niet zo simpel.
Op de basisschool mogen ze dus hun mobiel blijven gebruiken en dan moeten ze op het voortgezet onderwijs dat weer afleren.
Zal het de persoon wel afleren.
Dat Pavlov-gedrag laat zich moeilijk afleren.
Dus ik kan het ook niet afleren.
Goedele Liekens over de gewoonte die partners beter afleren.
Goedele Liekens over één slechte gewoonte die partners moeten afleren.
Maar dat zal ik nooit meer afleren.
Opmerkelijk is dat hij verderop in een gesprek het tegendeel aangeeft: ‘Ik wil de energiebedrijven in principe niets afleren.
Allemaal aanklagen voor doodstraf of moord zelfs wellicht, zodat ze eens afleren om als laffe groep de grote jongen uit te hangen.
Veelvoorkomende combinaties met afleren
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- het afleren 15×
- afleren van 15×
- afleren om 13×
- moeten afleren 9×
- afleren en 7×
- nooit afleren 7×
- weer afleren 6×
- niet afleren 6×
- eens afleren 6×
- kunnen afleren 4×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "afleren" in een zin?
Wat betekent "afleren"?
Wat zijn synoniemen van "afleren"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "afleren" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl