Bekijk voorbeeldzinnen, synoniemen en woordvormen van Afschrikken.
Afschrikken betekenis
doen weggaan door angst aan te jagen, door angst aan te jagen bepaald gedrag voorkomen | het bijzonder snel afkoelen van een heet voorwerp door het in een koelvloeistof te dompelen
Synoniemen van Afschrikken
Voorbeeldzinnen (20)
Genoeg afschrikken dat hij niet Europa binnenvalt, maar niet te veel afschrikken dat een kat in het nauw rare sprongen maakt.
Laat je niet afschrikken.
Ik kan de vogels niet afschrikken. Ik ben geen vogelverschrikker.
Laat hem je niet afschrikken.
Niets kan Ziri afschrikken.
Ik laat me niet afschrikken door een paar jeukbulten.
Maar ik laat me niet afschrikken.
Je kunt je opgeven voor dag of nacht diensten, welke wellicht overdreven, maar geregelde bewaking zal zelfs de beste crimineel afschrikken.
We willen de mensen niet afschrikken.
De dood van Tabitha kan sommigen afschrikken om met ons te praten.
We zijn verloren als we hem afschrikken.
Als Europeanen kunnen we China niet militair afschrikken maar economisch wegen we toch.
Als projectontwikkelaars zich laten afschrikken door het risico op onverkochte woningen, waarom dan niet een fonds oprichten voor een ‘doorbouwgarantie’?
Als we de jacht stoppen en we de wolven niet meer afschrikken met schoten, dan komen er misschien meer wolven.
Atlético heeft Vos al langer op de radar en laat zich niet afschrikken door de recente contractverlenging.
Basic-Fit kan op een goed eerste kwartaal terugblikken waarbij de duurdere abonnementen de potentiële sporters blijkbaar niet afschrikken.
Camouflage, imponeren en afschrikken, op het verkeerde been zetten en misleiden, geraffineerde verleidingstechnieken en botweg bedriegen.
Dat zal ze vast en zeker afschrikken.
De beleggers laten zich niet afschrikken door het Amerikaanse jobrapport.
De Faunabescherming was tegen het afschrikken van de wolf met een paintballwapen en stapte naar de rechter.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl