Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Afvragend.

Afvragend

Afvragend | Afvragende

Voorbeeldzinnen (20)

Uitkijkend over de heuvels, zich afvragend of hij in een eerder leven een cowboy was geweest, vroeg Ben zich af, waarom Fran zo beslist was, over het formaat van haar mannen.

Zittend in mijn Corolla... terwijl ik op je wacht buiten bij de barakken, mezelf afvragend wanneer je zou komen.

Dus hier sta ik, aan de vooravond van 2024, me afvragend welk AI-bedtijdverhaaltje ik vandaag ga voorlezen Mijn gok?

Een paar jaar later zou Boudewijn de Groot de eenzame fietser bezingen, zich afvragend hoe sterk de fietser is die ‘kromgebogen over zijn stuur tegen de wind zichzelf een weg baant’.

Helemaal alleen, zoekend naar de mensen achter fotoloze online aliassen als SirWesley, Pokémom en IkHeetGeenHennie, me afvragend hoe die dan wel heette.

Afvragend hoe die van ons door de ges hiedmundigen van de toekomst genoemd zal worden.

Zich afvragend hoe dit toch kan, want in de polls stonden ze toch voor.

Christof ziet zich gedwongen de show voorgoed te beëindigen en de kijkers grijpen naar de afstandsbediening, zich afvragend wat er verder nog op TV is.

Haar zelf afvragend: “Wat wil ik vertellen.

Hierop stond de toeschouwer ontzet en bang op, zich afvragend of zijn ogen hem misschien bedrogen.

Jezelf afvragend: stonden zij ook op de CES en waarom heb ik dat dan niet gezien?

Ach, zij had er geen last van, want zij zat veilig aan de overkant van de straat, zich nig afvragend hoe het kwam dat er moest worden gedweild.

Afvragend waarom hun trouw niet is beantwoord.

Dat meisje kijkt al angstig naar boven, zich afvragend wat A. daarvan vindt.

Ik had op hoge poten publiek gereageerd, me daarbij hardop afvragend, of ik belasting wil betalen voor de beveiliging van een vent, die mijn kinderen bedreigt.

An Lemmens, Astrid Stockman of Zuhal Demir knipperden zichtbaar met de ogen, zich afvragend of ze in een vorige eeuw – of in het geval van Stockman: de prehistorie – waren ontwaakt.

Dan zit je in je achtertuin en kijk je naar je huis, afvragend wat je wel kunt doen en wat niet.

Calle weet die dag dat ze wordt geschaduwd en doet allerlei dingen 'voor hem', zich afvragend of hij het zal opmerken.

De doorstane emoties en vermoeidheid deden ons uiteindelijk in slaap vallen en ons afvragend wat de volgende dag ons brengen zou.

In het schemerduister zie je christelijke voorwerpen, althans, daar lijken ze op; je moet denken aan Larkins gedicht over zijn bezoek aan een kerk, zich afvragend of iemand over duizend jaar nog zal begrijpen waar die voor diende.