Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Amandelboom.
Amandelboom betekenis
een kleine loofboom uit de rozenfamilie met als steenvrucht de amandel
Voorbeeldzinnen (9)
De amandel is de vrucht van de amandelboom.
Wie neemt deze oppositie nog serieus, laat ze maar lekker onder de amandelboom gaan zitten.
Oerappelboom was een amandelboom uit Spanje.
De amandelboom wordt versmaad, de sprinkhaan sleept zich voort, en de kapper breekt open.
Ik zeide: Ik zie een amandelboom.
In 1845 heeft de Zwitser Johann Heinrich Lutz van het Duits-Lutherse Rijnlands Zendingsgenootschap hier een zendelingennederzetting gesticht en deze "Amandelboom" genoemd.
Nei Tituaabine stierf, en uit haar graf groeiden drie bomen, een kokosnootboom uit haar hoofd, een pandanus uit haar hakken en een amandelboom uit haar navel.
Links: de steenvrucht; rechts: de amandel De amandel is het zaad van de amandelboom (Prunus soorten).
Systematiek De amandelboom behoort binnen het geslacht Prunus tot de onderklasse Amygdalus, die door sommige auteurs als afzonderlijk geslacht Amygdalus wordt benoemd.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl