Ontdek Amandelboom via 9 voorbeeldzinnen uit het Nederlands, met uitleg van de betekenis. Ideaal voor taalgebruikers, schrijvers en taalliefhebbers.
Amandelboom betekenis
een kleine loofboom uit de rozenfamilie met als steenvrucht de amandel
Gebruik van Amandelboom
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: een kleine loofboom uit de rozenfamilie met als steenvrucht de amandel
- In het voorbeeldencorpus komt amandelboom vaak voor in combinaties zoals: de amandelboom, een amandelboom, amandelboom uit.
Context rond Amandelboom
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 15 woorden
- Plaats in de zin: 2 begin, 1 midden, 6 einde
- Zinsoorten: 9 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Amandelboom
- In deze selectie staat "amandelboom" meestal aan het einde van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 15 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral genoemd, prunus en behoort op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "amandelboom".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn de amandelboom wordt versmaad en en deze amandelboom genoemd. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "amandelboom" dicht bij woorden als aaas, aagjes en aaib, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met amandelboom
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Oerappelboom was een amandelboom uit Spanje. (6 woorden)
Ik zeide: Ik zie een amandelboom. (6 woorden)
De amandel is de vrucht van de amandelboom. (8 woorden)
Nei Tituaabine stierf, en uit haar graf groeiden drie bomen, een kokosnootboom uit haar hoofd, een pandanus uit haar hakken en een amandelboom uit haar navel. (26 woorden)
In 1845 heeft de Zwitser Johann Heinrich Lutz van het Duits-Lutherse Rijnlands Zendingsgenootschap hier een zendelingennederzetting gesticht en deze "Amandelboom" genoemd. (22 woorden)
Systematiek De amandelboom behoort binnen het geslacht Prunus tot de onderklasse Amygdalus, die door sommige auteurs als afzonderlijk geslacht Amygdalus wordt benoemd. (22 woorden)
Voorbeeldzinnen (9)
De amandel is de vrucht van de amandelboom.
Wie neemt deze oppositie nog serieus, laat ze maar lekker onder de amandelboom gaan zitten.
Oerappelboom was een amandelboom uit Spanje.
De amandelboom wordt versmaad, de sprinkhaan sleept zich voort, en de kapper breekt open.
Ik zeide: Ik zie een amandelboom.
In 1845 heeft de Zwitser Johann Heinrich Lutz van het Duits-Lutherse Rijnlands Zendingsgenootschap hier een zendelingennederzetting gesticht en deze "Amandelboom" genoemd.
Nei Tituaabine stierf, en uit haar graf groeiden drie bomen, een kokosnootboom uit haar hoofd, een pandanus uit haar hakken en een amandelboom uit haar navel.
Links: de steenvrucht; rechts: de amandel De amandel is het zaad van de amandelboom (Prunus soorten).
Systematiek De amandelboom behoort binnen het geslacht Prunus tot de onderklasse Amygdalus, die door sommige auteurs als afzonderlijk geslacht Amygdalus wordt benoemd.
Veelvoorkomende combinaties met amandelboom
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- de amandelboom 5×
- een amandelboom 3×
- amandelboom uit 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "amandelboom" in een zin?
Wat betekent "amandelboom"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "amandelboom" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl