Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Antecedent.

Antecedent

Antecedent betekenis

de naam voor het woord waarnaar een ander woord, meestal een betrekkelijk voornaamwoord, verwijst | (van een rivier) wanneer deze, ondanks een opheffing van het gebied waarin zij stroomt, haar bedding kan handhaven, door die in het stijgende landschap in te snijden

Voorbeeldzinnen (15)

Deze bewering is alleen onwaar als het antecedent P waar is en het consequent Q onwaar is.

En waarom zou iemand na een antecedent onderzoek niet toch losse handjes krijgen?

Met een antecedent systeem zorg je alleen dat iemand die ooit een fout heeft begaan, vervolgens dat voor de rest van zijn leven meesjouwt.

En wanneer is iets de oorzaak en niet het resultaat van een eerder antecedent?

Antecedent of correlatief is een grammaticaal begrip uit de taalkunde en is de naam voor het woord waarnaar een ander woord, meestal een voornaamwoord, verwijst.

Deze constituent waarnaar verwezen wordt, wordt antecedent ('datgene wat voorafgaat') genoemd.

Bramhall sloeg in 1655 terug, toen hij alle correspondentie tussen Hobbes en hemzelf liet afdrukken onder de titel A Defence of the True Liberty of Human Actions from Antecedent or Extrinsic Necessity.

Het afleiden van een antecedent op basis van een consequent wordt abductief redeneren genoemd.

Het bij de bijzin horende antecedent kan ook alleen impliciet genoemd worden.

Onderscheid op grond van identiteit: * identiteit van referentie: De anafoor en het antecedent hebben dezelfde referent in de werkelijkheid.

Ontstaan De IJzeren Poort stroomopwaarts De IJzeren Poort is een antecedent doorbraakdal : de Donau is veel ouder dan de Karpaten en Transsylvanische Alpen en stroomde er al voordat deze bergen zich begonnen te ontwikkelen.

Geschiedenis Coleman Hawkins' opname van "Body and Soul" in 1939 vormt een belangrijk antecedent van de bebop.

Het gebruik van het juiste betrekkelijke voornaamwoord hangt in de meeste gevallen vooral af van het geslacht en getal van het antecedent.

In de volgende zin is sprake van coreferentie doordat Wim het antecedent is en hij de anafoor: * Wim zegt dat hij morgen niet naar school gaat.

Net als andere bijvoeglijke bepalingen vormt ook een bijstelling altijd een zinsdeel samen met het antecedent.