Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Appten.

Appten

Appten | Appt

Voorbeeldzinnen (11)

De volgende dag appten we er nog eens over.

Machtige mannen appten ongevraagd schuine berichten of foto’s van een piemel in opgewonden staat.

Michel en ik appten elkaar tig keer per dag, want ik miste hem en voelde me ook best een beetje verloren in mijn uppie.

Bewindslieden en ambtenaren voelden zich gesterkt: kijk, appten zij, nu hoor je het van de oppositie zelf.

Ze mailden, twitterden en appten dat het een lieve lust was.

Appten jullie in de begintijd voortdurend heen en weer en zagen jullie elkaar iedere dag, nu wacht je soms dagen op een reactie en jullie laatste afspraak is al weer twee weken geleden.

Politiek en journalistiek appten naar elkaar: wie was dat ook alweer?

Ons pap en mam vonden je wel aardig, Jan, appten ze me net vanuit Zummere.

Mijn dochter en haar zoontje appten mij vanmorgen.

En we appten een beetje, verder niks.

Dan reageerde ik pas de volgende dag op een berichtje en appten ze me: is er iets?