Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Armenschool.

Armenschool

Armenschool betekenis

school waar de kinderen van minvermogenden kosteloos onderwijs ontvingen

Voorbeeldzinnen (15)

In 1782 werd ook een Armenschool opgericht, wat als een huis tot onderwijs der arme kindren van beide geslachten werd gekenschetst.

In 1817 kreeg, ter gelegenheid van 300 jaar Reformatie, de armenschool - die inmiddels Lutherschool genoemd was - een eigen gebouw, direct naast de gedenkplaats.

In 1818 werd een officiële armenschool in de stad opgericht en werd het project van Dejonckheere stopgezet.

In 1854 werd de Oosterstadsschool op deze plek gevestigd door de Stads-Armenschool van de Plaatselijke Schoolcommissie.

In de 16e eeuw deden gasthuis en kapel ook dienst als armenschool.

Nadat Baart de rooms-katholieke armenschool St. Vincentius had doorlopen ging hij op twaalfjarige leeftijd zelf bij Regout werken.

Zij stichtten een armenschool en een hospitaal.

Hij heeft er samen met de Haïtianen een weeshuis, straatmeisjeshuis, armenschool en de ambachtsschool opgebouwd.

Wezen kregen les op de armenschool tot ze veertien jaar waren.

Aan de armenschool werd in de 19e eeuw soms ook een bewaarschool toegevoegd.

De armenschool is een niet steeds even vastomlijnd begrip voor lager onderwijs dat niets of weinig kostte en speciaal op armere kinderen was gericht.

In 1838 kwam er een Joodse armenschool.

En op 10 februari werd de godsdienstige armenschool opgericht door Bernardus Hartogensis.

In 1891 legde hij het moree-examen (hoogste joodse rabbijnengraad) af, waarna hij tot directeur werd benoemd van de Godsdienst-Armenschool, leraar werd aan het Beth Hamidrasj alsmede leraar-consulent van Talmud Tora in Amsterdam.

In Koekelare richtte de ultramontaan pastoor Isidoor Ampe in 1837 een eigen katholieke armenschool op.