Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Autosleutels.
Voorbeeldzinnen (20)
Waar zijn je autosleutels?
Ze is de autosleutels verloren.
Waarom zou ik jouw autosleutels aannemen?
Waarom zou ik jouw autosleutels afpakken?
Ze heeft de autosleutels verloren.
Zijn dit jouw autosleutels?
Ik vond een paar autosleutels die op straat lagen.
Ik heb de autosleutels.
Geef me de autosleutels.
Ik heb Tom de autosleutels overhandigd.
Ik ben mijn autosleutels vergeten.
Vanmorgen kon hij zijn autosleutels niet vinden, en ging hij over de rooie.
Schiet op en haal de autosleutels.
Waar zijn de autosleutels, dame?
En de autosleutels krijg je pas terug als ik het zeg.
Haar tas en autosleutels zijn hier niet.
Buurtbewoners krijgen de raad om op te letten met hun autosleutels, zodat hun wagen niet gestolen wordt.
Door de wild slingerende beweging viel zijn sleutelbos met huis- en autosleutels met een sierlijke boog het water in.
Door je autosleutels (ook je reservesleutel) te bewaren in een afgesloten blikje, kan het signaal niet meer opgevangen worden.
Het UWB-protocol wordt vandaag de dag al gebruikt voor bijvoorbeeld autosleutels.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl