Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Badmintonnen.
Badmintonnen betekenis
beoefenen van badminton
Voorbeeldzinnen (20)
Dinsdag kun je badmintonnen, woensdag volleyballen en donderdag is er voetvolley.
Badminton buiten spelen is voor Jan Molenkamp niet vanzelfsprekend, maar het bestuurslid van BAN (Badmintonvereniging Amersfoort Noord) zag dat zo’n tachtig van de in totaal 190 leden op het asfalt aan het badmintonnen waren.
Dinsdag kun je badmintonnen.
De Buurtcamping: badmintonnen en barbecueën met de hele stadTilburgers kunnen dit weekend hun tent opslaan in de Spoorzone.
Wie eens het racket ter hand wil nemen en zelf wil uitproberen hoe leuk badmintonnen is en dan vooral bij De Spotvogels, kan gewoon een paar keer komen meetrainen.
De sportclubs zijn ruim vertegenwoordigd: van zeilen, badmintonnen, tennissen, turnen, atletiek en sjoelen tot trampolinespringen, schaatsen, korfballen, basketballen en voetballen.
Waar kunnen ze terecht om te badmintonnen?
Wandelingetje, partijtje croquet, badmintonnen, prinsesjes hockeyen enz. Nee het hele circus moet inclusief een kudde fotografen zwaar milieubelastend naar Oostenrijk vliegen om daar de Alpen te helpen eroderen.
Dit blijkt direct al een succes: mensen zijn aan het badmintonnen en kinderen spelen op de ruime voetpaden.
Na het badmintonnen krijg je dan weer aan analyse die je je sterke en zwakke punten toont.
Door de soldaten te laten badmintonnen?
En dan pas konden we gaan badmintonnen.
Het Wibautpark lijkt dan ook vooral bedoeld voor de directe omwonenden: zij die in een kleine belendende flat zonder balkon of buiten wonen en hunkeren naar een gemeenschappelijke tuin waar ze kunnen barbecueën dan wel badmintonnen met de buurman.
Naar gewoonte kunnen de deelnemers ervoor kiezen om een voormiddag, een namiddag of een hele dag te badmintonnen.
Volgens Leeuwarder Remko Bakker associëren veel mensen deze sport toch teveel met badmintonnen op de camping en zien het niet gauw als wedstrijdsport.
Heb je dus een keer zin om een dagje te badmintonnen met je moeder, vader, opa, oma, oom, tante, grote broer of zus of wie dan ook?
Maar er is ook meer dan voldoende ruimte om te voetballen, verstoppertje te spelen, te badmintonnen, te tafeltennissen of gewoon te genieten van de rust.
Weet je nu al dat je na de zomervakantie, door studie/verhuizing of andere (sportieve) keuzes, niet meer gaat badmintonnen, vergeet dan niet uiterlijk 31 mei je lidmaatschap op te zeggen.
Na een tijdje overwegen kreeg ik toch weer de kriebels en ben ik toch weer gaan badmintonnen.
Het was toch Leen die dat rotsblok met een formidabele zwaai heeft weggeslagen toen hij met Regilio een potje stond te badmintonnen?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl