Leer het woord Bamboucheur beter kennen met 2 echte voorbeeldzinnen.
Bamboucheur in een zin
Gebruik van Bamboucheur
- In het voorbeeldencorpus komt bamboucheur vaak voor in combinaties zoals: ook bamboucheur, bamboucheur is.
Context rond Bamboucheur
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 31 woorden
- Plaats in de zin: 1 begin, 1 midden, 0 einde
- Zinsoorten: 2 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Bamboucheur
- In deze selectie staat "bamboucheur" meestal aan het begin van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 31 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Herkenbare gebruikssignalen zijn bambocheur ook bamboucheur is een. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "bamboucheur" dicht bij woorden als aaaaaaaah, aaaahhh en aabahour, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met bamboucheur
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Kroegscene door Pieter van Laer, circa 1625 Een bambocheur (ook bamboucheur) is een in de negentiende eeuw in het Nederlands geïntroduceerd woord voor een boemelaar, iemand die veel alcohol drinkt. (30 woorden)
Een bambocheur (ook bamboucheur) is een in de negentiende eeuw in het Nederlands geïntroduceerd woord voor een boemelaar, iemand die habitueel aan de zwier tijdens het pierewaaien zijn geld verbrast aan drank. (32 woorden)
Een bambocheur (ook bamboucheur) is een in de negentiende eeuw in het Nederlands geïntroduceerd woord voor een boemelaar, iemand die habitueel aan de zwier tijdens het pierewaaien zijn geld verbrast aan drank. (32 woorden)
Kroegscene door Pieter van Laer, circa 1625 Een bambocheur (ook bamboucheur) is een in de negentiende eeuw in het Nederlands geïntroduceerd woord voor een boemelaar, iemand die veel alcohol drinkt. (30 woorden)
Voorbeeldzinnen (2)
Een bambocheur (ook bamboucheur) is een in de negentiende eeuw in het Nederlands geïntroduceerd woord voor een boemelaar, iemand die habitueel aan de zwier tijdens het pierewaaien zijn geld verbrast aan drank.
Kroegscene door Pieter van Laer, circa 1625 Een bambocheur (ook bamboucheur) is een in de negentiende eeuw in het Nederlands geïntroduceerd woord voor een boemelaar, iemand die veel alcohol drinkt.
Veelvoorkomende combinaties met bamboucheur
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- ook bamboucheur 2×
- bamboucheur is 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "bamboucheur" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "bamboucheur" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl