Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Basilisken.

Basilisken

Basilisken | Basilisk

Basilisken betekenis

een geslacht van hagedissen uit de familie . Ze behoren tot de leguaanachtigen en zijn typische vertegenwoordigers van deze groep

Voorbeeldzinnen (15)

Basilisken hebben een slank, zijdelings afgeplat lichaam, lange poten een relatief zeer lange staart.

Basilisken kunnen niet alleen op het land op de achterpoten rennen, maar zelfs al rennend op het wateroppervlak ontsnappen.

Basilisken zijn duidelijk te onderscheiden van andere hagedissen binnen het natuurlijke areaal.

Basilisken zijn vrij grote hagedissen die een lichaamslengte bereiken van ongeveer 70 tot 90 centimeter.

De 'echte' basilisken kunnen dit uiteraard niet maar hebben wel opvallend starende en fel gekleurde ogen die vaak geel van kleur zijn.

Jongere basilisken kunnen veel eerder komen dan oudere exemplaren omdat ze lichter zijn en verhoudingsgewijs grotere poten en krachtigere spieren hebben.

Alle soorten kunnen goed klimmen en zwemmen, basilisken staan bekend om het vermogen over water te kunnen rennen, waaraan de bijnaam Jezus Christushagedissen is te danken.

Basilisken zijn meestal groen van kleur, jongere dieren bruin.

De kop is zeer stomp en net zoals de verwante basilisken heeft zowel het mannetje als vrouwtje een verhoogde kam op de kop, die bij deze soort vrij hoog is.

De soort is te herkennen aan de drie stekels in de nek, een oranje vlek net achter het oog en de vreemde 'knik' in de kop van deze dieren, die eigenlijk een soort kam is net zoals basilisken deze hebben.

De kop en het lichaam van de basilisken -met name de mannetjes- zijn vaak voorzien van bonte en contrasterende kleur.

De kroonbasilisk (Basiliscus plumifrons) is een grote hagedis uit de familie Corytophanidae en het geslacht van de basilisken (Basiliscus).

Deze naam wordt ook in andere talen gebruikt, zoals het Engelse 'basilisks', het Duitse 'basilisken', het Zweedse 'basilisker' en het Spaanse 'basiliscos'.

Uitzonderingen zijn wateragamen en basilisken die echter hun habitat hebben langs de oevers van zoetwaterrivieren.

Voedsel en vijanden Basilisken zijn dagactief, 's nachts slapen ze op takken van bomen en grote struiken.