Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Bastaarden.

Bastaarden

Voorbeeldzinnen (20)

Onder dezen waren vier adellijke bastaarden (van beide kanten van edele afkomst) die de Grote Bastaarden werden genoemd: Brynden Stroom, Shiereen Zeester, Daemon Zwartvuur en Aegor Stroom.

De vrouw van Tom Waits deelde zijn songs dan weer op in vechtersbazen, huilebalken en bastaarden.

De winnaar zal het geld zeker uitgeven aan feesten, zijn vele buitenvrouwen, drank, zijn bastaarden en aan beesten.

Alle mannen werden er gedood en de Oeigoeren zijn allemaal bastaarden van het toenmalige Turkse (huurlingen)leger.

De Gelderse vechtersbaas is nooit getrouwd en heeft geen kinderen nagelaten, ook geen bastaarden.

Er zou van alles tussen zitten: bastaarden, oplichters, SS'ers, familieleden van oorlogsmisdadigers, corrupto's en helers en stelers.

De regels voor de wapens van bastaarden zijn nooit stelselmatig toegepast en er zijn opvallende uitzonderingen bekend.

Het is daarom vaak moeilijk vast te stellen of het om zuiver wilde muskuseenden gaat of om bastaarden.

Hij was knap in zijn jeugd, en een berucht rokkenjager, later erkende en legitimeerde hij al zijn bastaarden.

In herstelde populaties komen bastaarden minder voor.

Kinderen uit het huwelijk hadden vol erfrecht maar werden door de kerk als bastaarden beschouwd, wat later voor politieke problemen kon zorgen.

Daarnaast verwekte Floris tijdens zijn huwelijk met gravin Beatrijs bij meerdere vrouwen nog zeven bastaarden.

Nou ja, voor zijn bastaarden dan.

Daarmee kwam er een eind aan de koloniale tijd van Nederland, maar afstammelingen van de Nederlanders, ‘Boeren’ en ‘Basters’ (bastaarden), bleven een rol van betekenis spelen.

Dan kun je best vrouwen en zelfs bastaarden accepteren, het doet er allemaal weinig toe want we volgen de salische wet niet.

En die bastaarden noemen we Engelsen, de Ier is het prototype Amerikaanse agent.

Het is een parodie op de betekenis waar de letters ACAB normaal gesproken voor worden gebruikt, namelijk ‘All Cops Are Bastards’ (Alle Agenten zijn Bastaarden).

Waar ik woon heb ik ze uit hun woning gesleurd zien worden, de bastaarden.

Karel van Gelre had geen wettige nakomelingen bij zijn echtgenote, maar wel een hele reeks bastaarden.

Maar Gelele geeft niet toe en Burton, die toch al uitgaat van rassenhiërarchie met de blanke als ‘kroon op de beschaving’ noemt Gelele’s volk teleurgesteld een ras van kwaadaardige bastaarden: ‘ongedierte en geen cent waard’.