Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Bedelaarsgesticht.

Bedelaarsgesticht

Voorbeeldzinnen (9)

In 1809 werd het een zogeheten bedelaarsgesticht voor daklozen en in 1891 kwam er een gesticht voor onder justitiƫle bevoegdheid geplaatste kinderen.

In 1810 werd het ingericht als bedelaarsgesticht.

Suzanna Jansen heeft dit verhaal verteld aan de hand van de lotgevallen van haar familieleden die terecht kwamen in het bedelaarsgesticht Veenhuizen van de Maatschappij van Weldadigheid.

Van bedelaarsgesticht werd het in 1880 een landbouwkolonie en in 1931 werd het een open gevangenis met een opleidingscentrum.

Wortel-Kolonie was echter geen afscheuring van het bedelaarsgesticht van Hoogstraten.

De stamvader, Tobias Braxhoofden, die zich in zijn jonge jaren per ongeluk als soldaat op sleeptouw had laten nemen door de grootspraak en de soldij van Napoleon, komt in 1828 aan in het armen- en bedelaarsgesticht Veenhuizen.

De verwijzingen naar de familie van Van Steenwijk zijn terecht, want die - en met name broer Benedictus van Steenwijk - heeft hem ooit in het bedelaarsgesticht laten opbergen.

Het bedelaarsgesticht in Rekem volgt dit voorbeeld in de jaren 50 van de negentiende eeuw.

Krankzinnigengesticht Het bedelaarsgesticht bleef bestaan tot 1891, waarna het poortgebouw tot 1920 het onderkomen was van een gesticht voor de heropvoeding van justitiekinderen.