Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Beenhouwer.
Beenhouwer
Gerelateerde woorden
Beenhouwer betekenis
(België) een verkoper van vlees | (belgië) een slachter
Voorbeeldzinnen (20)
Ook familieleden van Jan Breydel deden mee aan de opstand: zijn vader (of broer) Lauwers (ook beenhouwer van beroep), zijn schoonvader Heinric Berout en schoonbroer Clais Berout (ook een beenhouwer) werden bestraft voor hun aandeel tijdens de opstand.
Chef-kok Stelios Trilyrakis is een biologische tuinier en een herder-beenhouwer die zijn dieren vredevol laat opgroeien.
De naam verklapt het al, maar op die avond bepaalt beenhouwer Luc De Laet wat op het menu staat in Maven.
Een beenhouwer uit de Nieuwstraat had hier toen in de buurt een wei waar hij zijn eigen koeien kweekte.
Ja, zegt Michel Breydel (77), nakomeling van de 22ste generatie van de illustere beenhouwer.
Nu zitten de klanten ook droog en warm in hun wagen”, benadrukt de beenhouwer.
Tot voor kort sneed hij koteletten als beenhouwer, nu treedt Maxime Vermeire (23) voor het eerst op het voorplan.
Guy Van de Perre, ook schepen in Kasterlee, heeft zich bijgeschoold tot beenhouwer en kan zelf witte pensen draaien.
Het was een alleenstaande vrouw die op eigen houtje naar de bakker en beenhouwer trekt, ook als het buiten 35 graden is.
Zelf is hij op zoek naar onder meer een kok en een beenhouwer.
De tijd dat de beenhouwer met bebloede schort alleen in een atelier stond te werken, ligt achter ons.
Ik als beenhouwer eet zelf ook niet elke dag vlees en in mijn slagerijen verkoop ik ook pulled mushroom als een soort vleesvervanger.
Een andere belangrijke invloed op Jozef De Beenhouwer was David Kimball, bij wie hij tussen 1991 en 1998 in Firenze privé-onderricht volgde.
Er was toen een hotel, een beenhouwer en een winkel actief.
Na de oorlog trachtte men immers typisch Zuid-Nederlandse woorden als ajuin ‘ui’ of beenhouwer ‘slager’ te vervangen door hun noordelijke equivalenten.
Bij de mosselse beenhouwer heb ik voor € 0,99 anderhalf keer zoveel.
Erwin Mertens (55) staat vooral bekend als beenhouwer in Leuven, maar wanneer hij zijn Foodgarage Hoase opengooit, kun je niet naast de enorme verzameling oldtimers kijken.
Hij is de nonkel van Chantal, de vrouw van beenhouwer Raphaël Vandekeere.
Dat is wel het geval voor de tussentaal, waarin men niet naar de slager maar naar de beenhouwer gaat, in de frituur geen gehaktbal maar een boulette bestelt, men wazegdegij vraagt in plaats van "wat zeg jij", en men dus geen zin maar goesting heeft.
De beenhouwer vervolgt: "Als we willen ons beroep in ere houden, hebben we geen andere keus.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl