Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Beenstuk.
Beenstuk betekenis
(deel van) een kledingstuk dat het been bedekt
Voorbeeldzinnen (3)
Onder de snuit buigen beide onderkaken naar beneden en vormen zo een "kin" waarop zich een scherp naar voren uitstekende gezamenlijk beenstuk bevindt, het predentarium dat de beenkern vormt van de hoornen ondersnavel.
Van het beenstuk bestaat ook een kortere variant die de kuit onbedekt laat.
Het corpus is een min of meer plat, naar voren hellend beenstuk.
Rijmwoorden voor Beenstuk
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl