Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Beleenden.

Beleenden

Beleenden | Beleend

Voorbeeldzinnen (4)

Zij beleenden de graven van Sayn met het graafschap.

Daarom is PAS gesneuveld: we beleenden op de toekomst en deden/doen er geen kloten voor terug.

Toen het goed ging, beleenden gezinnen hun huis om geld uit te geven; toen het slecht ging, moesten ze meer belasting, zorgpremie en pensioenpremie betalen.

De Frankische koningen deelden Frisia op in kleinere eenheden ( gouwen ) en beleenden deze aan leenmannen die aan hen verantwoording schuldig waren.