Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Beloon.

Beloon

Voorbeeldzinnen (20)

Als je je taak goed hebt uitgevoerd, beloon ik je.

Als je een stap vooruit zet, beloon jezelf dan.

Beloon je trouwe klanten met kortingen die ook echt wat voorstellen.

Neem de rest van de dag vrij en beloon jezelf met een ontspannen middag.

Stel concrete en realistische doelen – en beloon jezelf als je ze haalt.

Als je daarmee akkoord gaat beloon je de agressor en doet hij het volgende week weer.

En hoe vaak wordt een wethouder die gevoelige informatie lekt uit een lopend politie onderzoek waardoor de betrokkenen het bewijsmateriaal kunnen laten verdwijnen en de rechtszaak zwaar gefrustreerd wordt beloon met een koninklijke onderscheiding?

Geen probleem, doe dan iets anders voor jezelf of beloon jezelf door bijvoorbeeld een lekkere snack voor jezelf te maken of een vriend(in) te appen en een gezellig gesprek te hebben.

Beloon de beklaagden niet voor hun vernuftig systeem en ken ons die schadevergoeding toe', stelde meester Jorgen Van Laer voor H&M.

Houdt ze bezig, beloon ze voor goed gedrag en ben heel duidelijk met grenzen en dan gaat er ook bij een pitbull niets mis (sterker nog, die luisteren wel).

Beloon de standvastige merken die zich niet gek laten maken.

Beloon 'm maar met een advocaatje.

Dan beloon je (voor heet eerst geloof ik) mensen die werken en de handophouders niet.

Maar hé: beloon zoveel gestuntel gewoon lekker met een eredoctoraat voor Jaap van Dissel.

Ga je ze ook nog op het schild hijsen dan beloon je die domheid en krijg je Marco Kronen.

Laat collega’s leerervaringen met elkaar delen en beloon medewerkers die leren, bijvoorbeeld door het jaar erna het budget te verhogen.

Op die manier beloon je de straatterreur van een selectief deel van de bevolking.

Beloon goed gedrag in hevige mate, geld doet er toch niet meer toe als al het leven uitsterft.

En beloon ze als ze wel meewerken net zoals met Turkije dus.

Ik beloon hard werk en intelligentie en ben kritisch op slachtoffergedrag en domheid.