Voorbeeldzinnen (20)
Al besefte Van der Poel besefte al snel dat aankomstplaats Haacht nog ver was, het peloton keerde terug.
Dan pas besefte ik wat hij had willen zeggen.
De zomer was voorbij voordat ik het besefte.
Eindelijk besefte ze dat ze te dik was en begon meteen te vermageren.
Ik besefte dat hij de waarheid misschien niet vertelt.
Aanvankelijk besefte hij niet dat hij de speech-wedstrijd had gewonnen.
Besefte je hoe dom hij was?
Tom besefte het probleem.
Sami besefte dat de deur op slot zat.
Hij besefte dat hij te laat was.
Na drie jaar te hebben geprobeerd Tom te veranderen, besefte Maria dat hij nooit zou veranderen.
Tom besefte niet dat Mary van plan was hem te verlaten.
Ik besefte niet eens dat Tom een zus had.
Ik besefte niet dat het zo laat was.
Tom besefte niet dat Maria pijn had.
Ik besefte niet dat je het serieus meende.
Ze besefte het.
Pas toen Tom stierf, besefte Mary hoe erg ze hem miste.
De winkeleigenaar besefte niet dat veel van zijn producten al over de datum waren.
Ik besefte dat ik dat niet hoefde te doen.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl