Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Betaaldag.

Betaaldag

Betaaldag betekenis

de dag waarop men moet betalen | de dag waarop men het loon ontvangt

Voorbeeldzinnen (9)

Het is betaaldag.

Morgen is het betaaldag.

Het is betaaldag vandaag.

Nog één betaaldag, Autolycus, dat is alles wat we nodig hebben.

Van de betaaldag, op zichzelf al prettig, werd altijd een prettige bijeenkomst gemaakt.

De gemeenschap is intussen aangemaand dat 28 februari officieel de laatste betaaldag is.

Voor mij is het geen betaaldag.

Hun duimen te draaien en wachten op de volgende betaaldag?

BETAALDAG In mei volgt een kleine manifestatie op een onverwachte plaats.