Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Bezat.

Bezat

Bezat | Bezaten | Bezatten | Bezatte

Voorbeeldzinnen (20)

De militaire strategie was steeds dezelfde: wie de Bedevaardersberg bezat, bezat de stad Tripoli aan de zee.

Één ervan bleef op de Topmolen wonen, de tweede bezat een houten windmolen aan de Hoogstraat te Haaltert, een derde bezat de “Ter Rijst” molen te Herzele en de vierde zoon was eigenaar van de watermolen te Mere.

Ze bezat geen superkrachten, maar was door haar moeder getraind tot een uitstekende acrobaat en vechter, en bezat een aantal op spinnen gebaseerde wapens.

De stad bezat bezat daarmee meer dan de helft van de totale Hollandse haringvloot.

Tims vader, volgens buren een „typische patriarch”, bezat een heel arsenaal, waarvoor hij overigens de benodigde vergunningen bezat.

In de Edoperiode was de provincie verdeeld in twee gebieden: De Tachibana clan bezat het zuidelijke gebied, te Yanagawa, en de Arima clan bezat het noordelijke gebied te Kurume.

De bedelaar bezat slechts één hond.

De bierflessen die ik meebracht naar het feest waren overbodig; de familie van de gastheer bezat een brouwerij.

Tom vroeg me hoeveel gitaren ik bezat.

Hij verkocht alles wat hij bezat.

Ik heb alles ingezet wat ik bezat.

Ik ver oor vee vrienden omdat ze niet zagen dat ik ze bezat.

Hij bezat niet zijn eigen bedrijf.

Hij bezat een ontwerp van 'n nucleair wapen.

Als ik dit hier en de hel bezat, zou ik deze plek verhuren en in de hel gaan wonen.

Toen ik erover begon bezat ik meer dan zij.

Ik verkocht alles wat ik bezat om m'n overtocht te betalen.

Ik bezat de helft van alles.

Iemand die zich Scotty Lockhart noemde, vertelde dat-ie dit huis bezat, en hij vroeg ons hem te laten weten voor welk bedrag wij het dachten te kunnen verkopen.

Aangezien de ouders van Kirsch uit Duitsland kwamen, bezat hij zowel de Nederlandse als Duitse nationaliteit.