Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Bezonken.

Bezonken

Bezonken | Bezonkenheid

Voorbeeldzinnen (20)

De orkestinleiding van het kan zowel lichtvoetig als marsachtig monumentaal, het largo zowel ironisch weemoedig als vroegrijp bezonken.

Ouderen hebben toch een wat meer bezonken oordeel en kunnen jongeren de weg wijzen naar meer onderling begrip en een grotere tolerantie.

Nadat de alcohol bij mij bezonken was, misschien maar beter ook.

Zijn bekendste werken zijn de romans ‘Bezonken Rood’ en ‘Geheime Kamers’.

Als alles een beetje bezonken is, en de testsamenleving grondwettelijk verboden wordt verklaart, dan zal ik me weer in de samenleving mengen.

Het Andante greep daarna terug op de bezonken sfeer van Sibelius.

Straks komt het niet meer over als het bezonken is.

Hierbij wordt het bezonken vuil opnieuw gemengd met het aanwezige water, bijvoorbeeld via een spoelinstallatie bestaande uit een pomp of een apart reservoir met spoelwater.

In 1982 voerde Kousbroek in De tomatenketchup-Tjideng van Jeroen Brouwers voor het eerst aan dat Bezonken rood een opeenstapeling zou zijn van leugens en overdrijvingen.

Mickey is eerst kwaad, maar wanneer de woede bezonken is, vindt hij dat Francis iets moet weten over Heather voor hij met haar trouwt.

Na het verschijnen van Bezonken rood brak er een felle strijd uit tussen de auteur en o.a.

Onderaan deze ruimerbrug zitten schrapers die het bezonken slib over de schuinaflopende bodem naar het midden van de tank duwen.

Is het gekwetste gevoel al een beetje bezonken?

Het nieuws verschoof daarmee van betrouwbaar, bezonken en afstandelijk naar actueel, sensationeel en betrokken.

Muziek zoals het onaardse Miserere van Allegri, of de verheven klanken van Finzi met zijn ‘Lo, the full final Sacrifice’, of het bezonken Requiem van Howells.

Bezonken gedachten over postmodernisme, Europa, islam' dat in september bij Pelckmans zou verschijnen tot er plots begin augustus bericht kwam dat het feestje niet kon doorgaan.

In 1982 ontstond er een heftige discussie over 'Bezonken rood', het boek waarin de romanfiguur zijn jeugdherinneringen aan het Tjidengkamp beschrijft, een vrouwenkamp in Batavia waarin ook jongetjes werden geinterneerd.

In een bezonken en hartstochtelijk betoog pleitte hij voor ruimhartige opname (maar met open vizier voor de angsten en bezwaren) van de huidige vluchtelingenstroom uit Syrië.

Het was zelfs allemaal zo hoopgevend, zo bezonken, dat de positiviteit haast iets krampachtigs kreeg.

Dat wat bezonken en bestorven is paart juist hier aan het ijle en vluchtige.