Vraag je je af hoe je Biūþa in een zin gebruikt? Hieronder staan 2 voorbeeldzinnen uit authentieke Nederlandse teksten. .
Biūþa in een zin
Gebruik van Biūþa
- In het voorbeeldencorpus komt biūþa vaak voor in combinaties zoals: bijten biūþa, biūþa aanbieden.
Context rond Biūþa
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 20 woorden
- Plaats in de zin: 0 begin, 2 midden, 0 einde
- Zinsoorten: 2 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Biūþa
- In deze selectie staat "biūþa" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 20 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral bijten en aanbieden op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "biūþa".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn bīta bijten biūþa aanbieden værþa. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "biūþa" dicht bij woorden als aaaaaaaah, aaaahhh en aabahour, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met biūþa
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
De werkwoorden in onderstaande tabel zijn bīta (bijten), biūþa (aanbieden), værþa (worden), stiæla (stelen), mæta (meten) en fara (gan). (19 woorden)
Sterke werkwoorden De werkwoorden in onderstaande tabel zijn bīta (bijten), biūþa (aanbieden), værþa (worden), stiæla (stelen), mæta (meten) en fara (gan). (21 woorden)
Sterke werkwoorden De werkwoorden in onderstaande tabel zijn bīta (bijten), biūþa (aanbieden), værþa (worden), stiæla (stelen), mæta (meten) en fara (gan). (21 woorden)
De werkwoorden in onderstaande tabel zijn bīta (bijten), biūþa (aanbieden), værþa (worden), stiæla (stelen), mæta (meten) en fara (gan). (19 woorden)
Voorbeeldzinnen (2)
De werkwoorden in onderstaande tabel zijn bīta (bijten), biūþa (aanbieden), værþa (worden), stiæla (stelen), mæta (meten) en fara (gan).
Sterke werkwoorden De werkwoorden in onderstaande tabel zijn bīta (bijten), biūþa (aanbieden), værþa (worden), stiæla (stelen), mæta (meten) en fara (gan).
Veelvoorkomende combinaties met biūþa
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "biūþa" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "biūþa" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl