Op deze pagina vind je 10+ voorbeeldzinnen met Bijwonen. Ontdek de betekenis, hoe je het woord correct gebruikt in een zin.
Bijwonen betekenis
opzettelijk aanwezig zijn bij iets
Gebruik van Bijwonen
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: opzettelijk aanwezig zijn bij iets
- In het voorbeeldencorpus komt bijwonen vaak voor in combinaties zoals: bijwonen van, het bijwonen, kunnen bijwonen.
Context rond Bijwonen
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 8.3 woorden
- Plaats in de zin: 0 begin, 4 midden, 16 einde
- Zinsoorten: 18 stellend, 2 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Bijwonen
- In deze selectie staat "bijwonen" meestal aan het einde van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 8.3 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral vergadering, college, les, vanwege en wegens op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "bijwonen".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn vergadering moeten bijwonen en vergadering zal bijwonen. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "bijwonen" dicht bij woorden als deugt, fikse en huiskamer, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met bijwonen
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Ik zal het bijwonen. (4 woorden)
Ik moet dit college bijwonen. (5 woorden)
Ik moet deze les bijwonen. (5 woorden)
Livestreaming: zodat degenen die de uitvaart niet kunnen bijwonen, toch live op afstand het afscheid kunnen bijwonen. (17 woorden)
We kunnen er zelfs niet zeker van zijn dat Tom de vergadering zal bijwonen. (14 woorden)
Hoeveel uur besteed je aan het bijwonen van lessen op de universiteit? (12 woorden)
Ga je het feest bijwonen? (5 woorden)
Hoeveel uur besteed je aan het bijwonen van lessen op de universiteit? (12 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
Livestreaming: zodat degenen die de uitvaart niet kunnen bijwonen, toch live op afstand het afscheid kunnen bijwonen.
Ze kan de lessen niet bijwonen vanwege ziekte.
Ik zal de volgende vergadering bijwonen.
Ik kan de vergadering niet bijwonen.
Ik moet dit college bijwonen.
Ik moet deze les bijwonen.
Bijna iedereen die ik ken wil het concert van morgen bijwonen.
Het is onwaarschijnlijk dat Tom de vergadering zal bijwonen.
Ga je het feest bijwonen?
U had de vergadering moeten bijwonen.
Je had de vergadering moeten bijwonen.
Ik ga volgende week een concert bijwonen.
Het is niet nodig dat wij de vergadering bijwonen.
We kunnen er zelfs niet zeker van zijn dat Tom de vergadering zal bijwonen.
Ik zal het bijwonen.
Vanwege gezondheidsredenen kan ik het examen niet bijwonen.
Hoeveel uur besteed je aan het bijwonen van lessen op de universiteit?
Ik kon de vergadering niet bijwonen wegens ziekte.
Ik denk dat een van ons die vergadering moet bijwonen.
Ik kon de les van vorige week niet bijwonen.
Veelvoorkomende combinaties met bijwonen
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "bijwonen" in een zin?
Wat betekent "bijwonen"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "bijwonen" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl