Voorbeeldzinnen (20)
Hij bluft, en iedereen heeft kunnen zien, dát hij bluft.
Ik denk niet dat Tom bluft.
Ik denk dat hij bluft.
Capps is een harde, maar hij bluft ook graag...
Wat als hij niet bluft.
Dat bluft Kuiper tegen presentator Niiwino Geertsema in de eerste uitzending van het nieuwe seizoen Noord Scoort.
Deze neger bluft voor niemand.
En een capaciteiten test natuurlijk Bonkers heeft een makkelijk college niet eens afgemaakt ook al bluft hij de beste ooit te zijn geweest.
Maar als tegenstander weet je niet meer wanneer hij bluft en wanneer niet.
De Directeur denkt hij bluft dus steekt zijn blote achterwerk 1 minuten uit het raam.
In dit tempo gaan we snel genoeg uitvinden of Poetin bluft.
Om te bewijzen dat hij niet bluft, loopt de fan naar de tafel van Federer.
Poetin gaat niet aan een atoomoorlog met het Westen beginnen, ook al bluft hij daar volop mee.
Poetin liegt sowieso aan de lopende band, en hij bluft ook graag.
Tegen het Westen zegt hij altijd dat hij niet bluft en alle middelen zal gebruiken, maar tegen Xi zegt hij dat hij rekening houdt met de Chinese zorgen.
Ze weet het gewoon niet, of ze bluft en hoopt dat wij het niet meer weten.
Bedoel je dat hij niet bluft, of dat hij er slecht in is?
Later begint ze te schrijven – “voor 5 frank bij uitgeverij Averbode” – en bluft ze zich als journaliste onder meer binnen bij The Rolling Stones, The Beatles, Duits bondskanselier Willy Brandt en de Spaanse dictator Franco.
Trump bluft, alles voor de verkiezingen.
Wel verweet Asscher in dat debat De Jonge dat hij te veel bluft.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl