Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Boerendorp.

Boerendorp

Boerendorp betekenis

een kleine nederzetting waar mensen voornamelijk werkzaam zijn in de agrarische sector

Voorbeeldzinnen (20)

De Baljuw wordt in boerendorp gevraagd naar geheimzinnig teken dat werd aangetroffen na diefstal uit het boerendorp.

Er is een unieke driedelige structuur: het noordelijke Schipperskwartier, het handelsdeel rond de Markt en in het zuiden het voormalige boerendorp Lanxmeer, nu de Nieuwstad.

Of je wordt belachelijk gemaakt omdat je uit een boerendorp komt, of je wordt weggejorist omdat je sarcasme iets te subtiel is voor Joris.

Voor Miró was het boerendorp en het strand waarop hij gymnastiekoefeningen deed, inderdaad essentieel.

Wanneer de meedogenloze legers van de Moederwereld een rustig boerendorp op een verre maan bedreigen, biedt een mysterieuze outsider de enige hoop op overleving.

Zoals ik al zei als je een flink pak slaag wil hebben moet je in een willekeurig boerendorp in Brabant of Overijsel een jongen ongevraagd en ongewenst een zoen geven.

De optocht trekt eerst langs de Vlietweg, een schilderachtige kronkelstraat langs de rand van de stad, waar het lijkt alsof je in een boerendorp bent.

En dat in een boerendorp.

Ja rijstepap kreeg het “importvrouwtje” waarschijnlijk te eten in het boerendorp van je waar ze zulke termen gebruiken.

Hombeek een boerendorp aan de Zenne ten westen van Mechelen daar zijn er al eerder atleten opgestaan.

Niets anders dan een uit zijn kluiten gegroeid arrogant boerendorp met Hema publiek en een grote bek.

Apeldorn heeft een geschiedenis als boerendorp.

Beedenbostel is van origine een boerendorp.

Bezijden deze ambachtelijke activiteiten was en bleef Kontich echter een boerendorp.

Capelle ging de 20e eeuw binnen en bleef qua karakter een echt boerendorp.

De noordelijke wijk (Oberdorf, rondom de Martinikerk) was daarvan uitgezonderd, deze bleef tot in de 20e eeuw een min of meer apart boerendorp.

De stad waarover de koningen heersten was waarschijnlijk een boerendorp.

Harko (David Elsendoorn) is een jongen die in een Gronings boerendorp woont.

Het boerendorp groeide gestaag, maar werd in 1725 en 1766 geteisterd door branden die het dorp grotendeels vernietigden.

Het is een typisch vissers- en boerendorp met 280 huizen.