Hoe gebruik je Boot in een zin? Bekijk 20 voorbeeldzinnen die tonen hoe dit woord in verschillende contexten voorkomt, inclusief synoniemen als schip, plus de exacte betekenis.
Boot in een zin
Gerelateerde woorden
Boot betekenis
- klein vaartuig
- laars die tot net boven de enkels komt
Synoniemen van Boot
Voorbeeldzinnen (20)
Boot B heeft onder deze omstandigheden geen enkele kans te winnen van boot A, zelfs niet op gecorrigeerde, SW-tijd.
Zijn concurrent, boot B, een wat zwaardere boot met een iets dieper stekende romp planeert pas bij windkracht 4 bft.
De Nederlandse boot ging goed van start, maar zag de Amerikaanse boot ruim twee seconden eerder over de finish gaan.
Met een simpele beschrijving van de boot vinden de twee ondernemers een beschadigde boot en pompen het vaartuig leeg.
De reden van het plotselinge vertrek is dat de eigenaar van de boot eisen heeft gesteld wie er op zijn boot zit.
Het tweetal van Oranje had in de beginfase last van een Franse boot, die even ’vastzat’ aan de Nederlandse boot.
Bewoners is gevraagd informatie over hun boot te geven, met name of hun boot al dan niet een platte bodem heeft.
De boot van de vrouw wordt voorzichtig in de boot van de man geplaatst en zo worden ze beiden ter ruste gelegd.
Ondertussen renden de prinsesjes van kraam naar kraam, van show naar show, van boot naar boot, van Greetje naar Nawras.
Met de boot van Stockholm naar Finland (ik was op tour met mijn band), je weet niet wat je ziet op die boot.
Volgens Petrie wordt er een boot afgebeeld op de scherf, waardoor dit een deel van de boot zou zijn geweest.
Het tweetal zou de boot gestolen hebben op het Paterswoldsemeer, waarna de eigenaar de boot volgde en de politie inlichtte.
Hoe duur zo'n boot is, is eenvoudig te achterhalen door zelf zo'n hut op een gelijkwaardige boot te boeken.
De zeiler zit in het midden van de boot en de hele boot kan vanaf die plek worden bestuurd en genavigeerd.
Wanneer men hier gaat staan op het moment dat er een boot aankomt, wordt men veel natter dan iemand die in de boot zelf zit.
Prins Pieter-Christiaan vaart mee op de boot van defensie en gravin Eloise is te zien op de boot van RTL.
Suske heeft de boot gesaboteerd en de gasten vertrekken, de boot komt midden in het meer stil te liggen.
De boot was leuk maar onze kapitein was stom, ik mocht niet de hele tijd van plek verwisselen omdat dan de boot ging omvallen.
En zodra die boot leeg was, gingen de rangeerders die boot weer volstampen met trailers uit heel Europa.
Nog een zeiler werd van de boot gehaald, en een redder heeft dan de boot terug naar het strand gezeild.
Veelvoorkomende combinaties met boot
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- de boot 162×
- een boot 40×
- boot met 18×
- boot en 18×
- boot in 15×
- boot van 15×
- boot te 15×
- die boot 13×
- uw boot 11×
- boot is 10×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "boot" in een zin?
Wat betekent "boot"?
Wat zijn synoniemen van "boot"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "boot" zijn er?
Over deze voorbeelden
De 20 voorbeeldzinnen op deze pagina bevatten het volledige woord boot. We verwijderen dubbele, te korte, onvolledige en technisch vervuilde zinnen automatisch. De betekenis is afkomstig uit Wiktionary. Lees meer over de bronnen en controles op de pagina over Voorbeeldzinnen.info of bekijk hoe je een correctie meldt.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl