Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Bouwploeg.

Bouwploeg

Bouwploeg | Bouwploegen

Bouwploeg betekenis

team bouwers

Voorbeeldzinnen (16)

Dat vergt voorbereiding, vandaar dat de vrijwillige bouwploeg van de stichting Salland voor Oekraïne deze week op bezoek ging bij de gepensioneerde Deventer tandarts om het verhuisplan voor te bereiden.

Districtscommissaris Sherin Bansi-Durga werd ook in kennis gesteld over het incident en dirigeerde terstond de bouwploeg van het commissariaat ter plaatse voor de nodige opruimingswerkzaamheden.

Het gebouw is uitgegroeid tot een cultureel (wijk)centrum met veel verschillende non-profit gebruikersgroepen en Renckens is nog steeds betrokken bij de vrijwillige bouwploeg.

Naar schatting werd in de Vikingtijd met een vakkundige bouwploeg van een bouwmeester, tien bootbouwers en een grote werkploeg in het bos, de bouw van dit schip in zeven maanden voltooid.

De leukste en enige wagen bij de jeugd was van BZN Kids (Bouwploeg Zonder Naam), zij wonnen dan ook met vlag en wimpel de eerste prijs.

Een bouwploeg onder leiding van projectleider Kerkhof is druk om de zomp tijdig ‘waterklaar’ te hebben.

Frijters maakt deel uit van de tuin- en bouwploeg van het Van GoghHuis.

Ik heb het parcours helemaal niet getekend en sla met mijn bouwploeg alleen de paaltjes in de grond, plaats de hekken en hang de reclamedoeken op.

De bouwploeg is inmiddels druk doende om het decor in elkaar te timmeren.

Er bleek een kabelbreuk te zijn, hoogstwaarschijnlijk veroorzaakt door graafwerkzaamheden van een bouwploeg.

Er is flink gerepeteerd om de hilarische sketches vorm te geven, het ballet staat klaar om een mooie show neer te zetten en de bouwploeg heeft ervoor gezorgd dat er met een prachtig decor weer hele mooie plaatjes gaan ontstaan.

Binnen een paar minuten wordt op het grote draaiende toneel, door de Jorwerter bouwploeg zelf in elkaar gezet, de tafel gedekt.

De bouwploeg zal onder meer de toegangsbrug ombouwen tot kas en er komt een Westlandse schoorsteen op het veld te staan.

De circa honderd man grote bouwploeg wordt daarin ondersteund door cursussen en instructies.

Hierna gaat de bouwploeg aan het werk.

Men schat dat in de Vikingtijd een vakkundige bouwploeg van een bouwmeester, tien bootbouwers en een grote werkploeg in het bos, de bouw van dit schip in zeven maanden kon voltooien.