Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Bruggeld.

Bruggeld

Bruggeld betekenis

een heffing die vaartuigen moeten betalen bij passeren van (gemeentelijke) bruggen en sluizen

Voorbeeldzinnen (9)

En ik 50 cent bruggeld in een rood klompje gooide en daarna de brugwachter een lied hoorde zingen.

Wel verkocht men in 1857 de herberg en het recht om bruggeld te innen.

Tot ik zag dat iemand met een klomp aan het hengelen was voor bruggeld.

Op alle gemeentelijke bruggen wordt nu 1 euro bruggeld geheven.

Eten en drinken aan boord, havengeld en bruggeld zijn voor rekening van de scheepseigenaar.

Wat opvallend is dat de 5 bruggen die we passeren allemaal behoorlijk meer bruggeld incasseren dan in de Almanak staat vermeld.

Het bruggeld is 1,20 euro, dat in een traditioneel klompje moet worden gedaan, dat door de brugwachter aan een soort vishengel naar u toe wordt gezwaaid.

Boelens vroeg bruggeld naar gewicht van het schip.

Vaartuigen richting Stadsgracht betaalden t/m 2012 een bruggeld van € 2,-.