Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Buitendijkse.

Buitendijkse

Voorbeeldzinnen (20)

Wadden zijn buitendijkse gronden die alleen bij hoogwater overstromen.

Buitendijkse gebieden langs het IJsselmeer blijven de komende dagen wateroverlast houden.

Er kan wel wat overlast worden ervaren, bijvoorbeeld doordat buitendijkse gebieden hier en daar onderlopen of kelders onder water komen te staan.

Hij benadrukt dat het buitendijkse gebied elk jaar te maken krijgt met wateroverlast als het water hoog staat en er een sterke oostenwind waait.

In een periode dus van het debacle met de bananenterminal en waarin ook het veelbelovende project van de buitendijkse werf werd afgeblazen.

Maar daar werd in 1998 een buitendijkse wijk tegenaan gebouwd, dus nĂ¡ de 'les van Limburg'.

Ook worden de waterstanden voortdurend gemonitord en zijn verschillende buitendijkse wegen afgesloten.

Zo ontstaat in 1997 het idee om een buitendijkse werf aan te leggen.

Met het stijgen van het rivierwater lopen namelijk meerdere buitendijkse terreinen onder water en is er voor bezoekers aan de binnenstad te weinig plek voor hun auto.

Morgen in de middag kunnen 'buitendijkse gebieden onderlopen, maar daar zijn deze gebieden ook voor bedoeld.

Bij Smalland hoorde ook het buitendijkse gebied Madroel; ook dit is later afgegraven om als haven te dienen.

De Saaksumerpolder (194 ha) is ontstaan door de bedijking van buitendijkse kwelders langs het Reitdiep in 1794.

Dit werd de aanleiding om in 1654 toestemming te geven tot de aanleg van houtwallen en scheepswerven op de aangeslibde grond tussen het niet meer functionerende bolwerk en het aangrenzende buitendijkse land.

Er werden verbindingen gemaakt met de ringvaart van de Middelpolder en met de Buitendijkse Polder, zodat de waterstand beter beheerst kon worden.

Franekeradeel had de plicht om de Roptazijlroede te onderhouden, zowel het binnendijkse deel voor de watertoevoer als het buitendijkse deel voor de waterafvoer.

Het buitendijkse land met de steenplaats op Ver Hitland, ten oosten van het voetveer werd in 1939 afgegraven bij een rivierbochtafsnijding.

Het eiland waarover men streed, betrof zijns inziens de buitendijkse aanwas.

Hille in de betekenis van hoogte en duin komt in oude oorkonden ook voor als door water omringde buitendijkse gronden.

Met de naam Ballumerbocht wordt ook wel het buitendijkse gebied op en nabij de Stroomleidam aangeduid.

Slikvaaggronden en gorsvaaggronden worden samen ook wel buitendijkse kleigronden genoemd.