Ontdek Carpoolen via 10+ voorbeeldzinnen uit het Nederlands, met uitleg van de betekenis. Ideaal voor taalgebruikers, schrijvers en taalliefhebbers.
Carpoolen in een zin
Gerelateerde woorden
Carpoolen betekenis
samen in één auto naar het werk rijden
Gebruik van Carpoolen
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: samen in één auto naar het werk rijden
- In het voorbeeldencorpus komt carpoolen vaak voor in combinaties zoals: het carpoolen, te carpoolen, gaan carpoolen.
Context rond Carpoolen
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 14.2 woorden
- Plaats in de zin: 3 begin, 7 midden, 10 einde
- Zinsoorten: 17 stellend, 3 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Carpoolen
- In deze selectie staat "carpoolen" meestal aan het einde van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 14.2 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral blablacar, wilt, binnenkort en want op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "carpoolen".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn aan het carpoolen waren en altijd carpoolen dat dan. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "carpoolen" dicht bij woorden als aandeden, abaaoud en acting, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met carpoolen
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Hoeveel bespaar je met carpoolen? (5 woorden)
Altijd carpoolen, dat dan weer wel. (6 woorden)
Gaat u carpoolen met collega’s? (6 woorden)
Een andere manier om reisbewegingen te beperken is om personeel dat dichtbij elkaar in de buurt woont te laten carpoolen van en naar het kantoor toe, of naar zakelijke afspraken. (30 woorden)
De Nederlandse forens koos liever voor een eigen auto dan voor het openbaar vervoer en het carpoolen werd om de bekende redenen niet als alternatief gezien. (26 woorden)
Kaag wil carpoolen met haar personeel wat ook ongetwijfeld nodig is in Luxemburg, kan ze misschien nét aan de goede kant van de berekening komen. (25 woorden)
Gaat u carpoolen met collega’s? (6 woorden)
Hoeveel bespaar je met carpoolen? (5 woorden)
Hoe zit dat als je met twee collega's of meer gaat carpoolen? (13 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
Tom en ik carpoolen naar het werk.
Altijd carpoolen, dat dan weer wel.
Is de bestemming iets verder weg, overweeg dan om te carpoolen en de kosten te delen.
BlaBlaCar: Carpoolen en Bus (gratis, iPhone, iOS 12.0+) - Samen rijden naar een festival.
De Nederlandse forens koos liever voor een eigen auto dan voor het openbaar vervoer en het carpoolen werd om de bekende redenen niet als alternatief gezien.
Een andere manier om reisbewegingen te beperken is om personeel dat dichtbij elkaar in de buurt woont te laten carpoolen van en naar het kantoor toe, of naar zakelijke afspraken.
Gaat u carpoolen met collega’s?
Hoeveel bespaar je met carpoolen?
Hoe zit dat als je met twee collega's of meer gaat carpoolen?
Naast de A2, geschikt om te carpoolen.
Om hierop te besparen kan je met collega's gaan carpoolen.
Overigens kun je deze ook prima gebruiken als je wilt carpoolen met iemand.
Pieter en Tine Embrechts kunnen binnenkort carpoolen, want de broer en zus zijn ook nog eens buren in Borgerhout en delen een tuin.
Slechts 10 procent van de ondervraagden laat de auto staan omdat ze bijvoorbeeld alcohol willen drinken, of omdat ze gaan carpoolen.
Wie besluit te carpoolen, mag hiervoor een vergoeding van zijn baas krijgen.
Kaag wil carpoolen met haar personeel wat ook ongetwijfeld nodig is in Luxemburg, kan ze misschien nét aan de goede kant van de berekening komen.
Maar per km net zo goed als zeer fanatiek carpoolen.
Ter verdediging van Pieter, Jan-Jaap, Marcel, Klaas en Joop* wil ik inbrengen dat zij WEL aan het carpoolen waren.
Tijdens koffiepauzes, de lunch, het carpoolen.
Als je dat wel ziet, zou je eens het carpoolen moeten overwegen.
Veelvoorkomende combinaties met carpoolen
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- het carpoolen 11×
- te carpoolen 10×
- gaan carpoolen 5×
- carpoolen en 4×
- carpoolen met 4×
- carpoolen is 4×
- om carpoolen 4×
- carpoolen van 3×
- gaat carpoolen 3×
- met carpoolen 3×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "carpoolen" in een zin?
Wat betekent "carpoolen"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "carpoolen" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl