Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Cartesiaanse.

Cartesiaanse

Voorbeeldzinnen (20)

Als men van een cartesiaanse twijfel uitgaat, en dus van niets zeker kan zijn buiten zijn eigen bestaan, kan men nooit de waarheid en juistheid van termen rondom zich vastleggen.

Hij woonde toen samen met een van zijn studenten in de cartesiaanse filosofie, Johannes Casearius.

Men heeft dus twee cartesiaanse vergelijkingen nodig die beiden moeten gelden.

Maar of die Cartesiaanse speurdersmethode bij het nieuwe novitsjok-raadsel ook zo werkt, betwijfel ik.

Dat moet hogere snelheden mogelijk maken dan Cartesiaanse printers als de Prusa MK-serie.

Het cartesiaanse dualisme waarop het archetype van het fysiek aftakelende genie gebaseerd is, wordt daarmee ondermijnd.

In de middeleeuwen en volgens cartesiaanse opvattingen dacht men dat taal achteraf uitdrukking gaf aan reeds gevormde denkinhouden.

Wat bij Freud nog Onbewuste heet en daarmee tevens allerlei droombeelden blijkt een affectief krachtenveld dat de verbinding tussen neurologische of immunologische werkingen acceptabeler maakt dan het cartesiaanse model.

Aldus toont deze parabel dat er een alternatief is voor de klassieke cartesiaanse opvatting van het mentale, en toont Sellars zo dat er niet alleen problemen zijn met de notie van "gegevenheid", maar ook dat er een alternatief mogelijk is.

Capra levert kritiek op de reductionistische Cartesiaanse visie dat alles in delen kan worden bestudeerd om het geheel te begrijpen, en moedigt zijn lezers aan om een holistische kijk aan te nemen.

Deze parabel toont aan dat er een alternatief is voor de klassieke cartesiaanse opvatting van het mentale, en Sellars probeert zo aan te tonen dat er niet alleen problemen zijn met de notie van "gegevenheid", maar ook dat er een alternatief mogelijk is.

Het cocceio-cartesiaanse compromis kreeg daarmee ook een deugdelijke politieke basis.

In 1689 verdedigde hij aan de universiteit van Leiden zijn werk De brutorum operationibus, waarin hij zich aansloot bij de Cartesiaanse gedachte dat dieren slechts automaten zijn.

Kortweg noemt men dit dan de cartesiaanse vergelijking van de kromme.

René Descartes De cartesiaanse twijfel of methodische twijfel is in de filosofie van René Descartes een manier van zoeken naar zekerheid door systematisch aan alles te twijfelen.

Van Schooten spande zich in om de cartesiaanse geometrie (analyse met behulp van coördinaten) te verspreiden.

Voor in haar boek stond een citaat van de cartesiaanse filosoof Poullain de la Barre (1647-1725): Al wat door mannen over vrouwen is geschreven moet als verdacht worden beschouwd omdat ze zowel rechter als partij in het geschil zijn.

Hij bestudeerde nu ook de latere werken van Husserl (Vorlesungen zur Philosophie des inneren Zeitbewusstseins dat net uit was, Formale und transzendentale Logik (1929) en zijn Cartesiaanse Meditaties, (1931).

In de cartesiaanse benadering gaat men uit van axioma's van de algebra, en is de vergelijking die de stelling van Pythagoras uitdrukt een definitie van een van de termen in de euclidische axioma's, die nu als stellingen worden beschouwd.

Zijn collega's vonden dat hij te veel tijd had besteed aan de pre-cartesiaanse filosofie, zich had laten verleiden tot te grote veralgemeningen, en dat hij een aantal belangrijke filosofen had weggelaten.