Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Cellofaan.

Cellofaan

Cellofaan betekenis

transparant materiaal gemaakt van cellulose, in dunne vellen gewoonlijk in gebruik voor vochtdicht afsluiten van etenswaren | oude bioscoopfilms zijn gemaakt van cellofaan

Voorbeeldzinnen (20)

Wilt u hier cellofaan omheen doen?

Bijvoorbeeld een papieren zak met een stukje doorzichtig cellofaan mag ook niet bij het oud papier.

Naast de bloemen die nog in het cellofaan zitten.

Denk daarbij aan verdikking, wit zijn, in plastic cellofaan gewikkeld zijn en twee blauwe postzegels hebben.

Ook de rol cellofaan achter de toog was gelijk aan die van de verpakking bij de gecontroleerde persoon.

Cellofaan wordt informeel gebruikt als naam voor vele plasticfilms, zelfs voor films die niet van cellulose gemaakt zijn.

Toen men de glycerine ook kon ontkleuren, werd het ook geleverd aan de tabaks-, de cellofaan- en de textielindustrie.

Als die nog in de cellofaan zitten zijn ze geld waard op ebay.

De drugs waren verpakt in verschillende verkoophoeveelheden in cellofaan.

Slappe Nederlander doet niets, behalve teddyberen in cellofaan onder boom leggen en krokodillentranen plengen.

Baliemedewerker Egbert loert hem haast de winkel uit, want hij had zojuist een Foxy uit het cellofaan getrokken en was precies toen de man binnenkwam aanbeland bij een interessant artikel.

Je wilt als homo toch niet in cellofaan verpakt over straat,we moeten allemaal wel eens incasseren!

Eerst moeten er nog 8 knollebolletjes en een oudroze zalm onder een uitdagend strak cellofaan-velletje worden weggewerkt.

Vlees verpakt in cellofaan gaat langer mee.

Maar pas op: haal bij aankoop meteen het cellofaan eraf om te controleren of er echt geen bakstenen in de doos zitten.

Pas op, niet naar de Spaanse Costa’s, want daar kom je die glimmende in blauw en geel cellofaan verpakte mud stront van een Marco Kraats weer tegen.

Aan het einde van de video ligt een van de jongens op de grond, zijn gezicht en borstkas bedekt onder een laag cellofaan.

In de Tweede Wereldoorlog was het de Nederlandse internist Willem Kolff die de eerste werkende kunstnier bouwde uit onder meer de overblijfselen van een Duitse bommenjager, de waterpomp uit een T-Ford en cellofaan van de plaatselijke slager.

Wie slechts oog heeft voor het oppervlakkige, horizontale beeld, ontkomt niet aan de gloed van het cellofaan en vult met behulp van zijn hersenen het beeld aan tot een ’realiteit’.

Zware, zwarte leren jacks met een rood pluchen hart in cellofaan ertegenaan gedrukt.