Bekijk voorbeeldzinnen, synoniemen en woordvormen van Conciërge.

Conciërge

Conciërge betekenis

conciërge, huismeester

Synoniemen van Conciërge

Voorbeeldzinnen (20)

De conciërge heeft zijn kantoor op de tussenverdieping.

Mijn conciërge praat veel.

Tom is conciërge op school.

Mijn nieuwe buurvrouw gaat om middernacht douchen... Ik heb erover geklaagd bij de conciërge.

Ik ben geen conciërge, ik ben advocaat.

Ik vroeg alleen of je met de conciërge over de pijpleiding wilde praten, Ralph.

Hebben jullie de conciërge gezien?

Ik heb een verzoek ingedient voor de naam van de dienstdoende conciërge.

André de conciërge... heeft reserveringen geregeld voor zeven uur bij Nobu.

Ik ga 't kopieerapparaat maken, de conciërge heeft 't zogenaamd te druk.

De conciërge heeft de sleutels.

Misschien heeft de conciërge ze weggegooid.

Dit stukje over de conciërge, is precies wat we hier doen.

Albert werkt als conciërge op een school voor autistische kinderen in Nijmegen.

Bij de schietpartij van woensdag kwamen in totaal acht leerlingen (zeven meisjes en een jongen) en de conciërge van de school om het leven.

Conciërge van mijn vorige school in Nieuw-Vennep schreef een mailtje aan de directie vanwege islamitische leuzen roepende Marokkaanse jeugd in de school en op het schoolplein.

Daarin speelde hij Charon, de conciërge van het Continental Hotel in New York, een vrijhaven voor het gilde van huurmoordenaars waar het titelpersonage deel van uitmaakt.

De conciërge kon alle schuim weghalen, maar had geen flauw idee waarom haar toilet plots begon te schuimbekken.

De conciërge mag het onderzoek in vrijheid afwachten.

De Mediapodcast werd deze week bijna omgedoopt tot ‘Mark & Manuel over Media’, want mediaverslaggever Dennis Jansen is absent (tijdig gemeld) en de ster van de show Angela de Jong moest een ‘te laat’-briefje halen bij de conciërge.