Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Confiserie.
Confiserie
Confiserie betekenis
bedrijf dat snoepgoed maakt | winkel waar snoepgoed wordt verkocht | snoepgoed, snoepwaren
Voorbeeldzinnen (10)
Monique had een fabriek in suikerbonen in Wilrijk, confiserie De Bock, Irene had een wassalon in Deurne en Walter had een zelfstandig havenbedrijf.
Van de Rupelstreek tot in het buitenland: overal smulden ze destijds van de buche coco, rhumrotsen en spekken van confiserie Nilona uit Niel.
Confiserie Geldhof stelt 22 mensen te werk en heeft een omzet van € 4 miljoen.
V. Confiserie Roodthooft S.A. Antwerp-Belgium”, prijkt er trots op de verpakkingen van de Caramel.
Confiserie heet dat in het Nederlands.
In ieder geval is de Riegelein Confiserie goudhaas (60g) te koop bij de Sligro, en is de Lindt goudhaas (100g) onder meer te vinden bij Albert Heijn.
De nieuwe uitvalsbasis van de Bond Zonder Naam (BZN) bevindt zich in de Lange Leemstraat, naast de voormalige confiserie Roodthooft, en opende vorig weekend officieel de deuren.
Hierbij valt onder meer op de bekende ulevel verpakt in een papieren omslagje met Arabisch hoofd, de Confiserie Roodthooft, en ook de kandijproducten van De door iedereen om hun naam als buitenlands beschouwde borstbollen zijn ook aanwezig.
Voorts werd minder confiserie verkocht.
Le Bastiment de recettes, dat in Venetië in 1541 werd gepubliceerd en in datzelfde jaar werd vertaald in Lyon is een boek voor de confiserie.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl