Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Constantius.

Constantius

Voorbeeldzinnen (20)

Julius Constantius werd geboren na 289. Ondanks zijn illustere verwantschap was Julius Constantius zelf nooit keizer of mede-keizer.

Op de achtergrond trok Constantius' zuster Constantina er aan de touwtjes: aangezien er weinig tijd was, geloofde zij door deze stap het in de strijd geharde leger van de Donau in het kamp van Constantius II te brengen.

Constantius benoemde zijn neef Constantius Gallus tot medekeizer en trok ten strijde tegen Magnentius.

Het antwoord hierop van Constantius was als volgt: :Ik, Constantius, overwinnaar op het water en op het land, altijd de verheven Augustus, wens mijn broeder, de koning Sapor, al het goede.

Constantijn, die teleurgesteld was in zijn hoop om tot Caesar te worden benoemd, ontvluchtte het hof van Galerius, nadat Constantius aan Galerius had gevraagd zijn zoon te laten gaan, omdat hij ziek was.

Constantius antwoordde door een groep protectores domestici (keizerlijke stafofficieren) naar Colonia Agrippina te sturen, waaronder de toekomstige historicus Ammianus zelf, onder leiding van Ursicinus.

Constantius bleef een paar maanden in Britannia.

Constantius gaf Julianus als persoonlijke cavalerie-escorte waarschijnlijk 200 scholares.

Constantius hield zich in deze jaren vaker in het Westen op.

Constantius slachtte deze Franken allemaal af.

Deze volgende usurpator regeerde van 293 tot 296 over Britannia, waar hij uiteindelijk door Constantius werd verslagen en gedood.

Door Severus' gevangenschap, presenteerde Constantijn zich niet langer als diens caesar, maar als caesar, de zoon van de vergoddelijkte Constantius.

Een jaar later liet Constantius Gallus executeren, omdat deze opstandig werd.

Gerontius pleegde zelfmoord in Spanje en zijn troepen liepen over naar Constantius.

Hemelse troepen die Constantijn geholpen hadden bij de overwinning werden gecommandeerd door zijn overleden vader Divus Constantius.

Het verbranden van offerdieren, door Constantius verboden, werd weer toegestaan.

Hij trekt op tegen Khauran en weet met een list het leger van Constantius buiten de poorten te lokken en te verslaan.

Hij weigerde opnieuw, maar deze keer stonden de troepen erop, want ze maakten het duidelijk dat ze zouden muiten als hij weigerde en dat ze met of zonder hem op zouden rukken tegen Constantius.

Hij zei ook dat hij brieven van Constantius bezat waarin stond dat hij het recht had om dit land te bezetten.

In juli 306 sterft Constantius.