Op deze pagina vind je 10+ voorbeeldzinnen met Crista. Ontdek hoe je het woord correct gebruikt in een zin.
Crista in een zin
Gerelateerde woorden
Gebruik van Crista
- In het voorbeeldencorpus komt crista vaak voor in combinaties zoals: de crista, crista cnemialis, crista fibularis.
Context rond Crista
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 17.3 woorden
- Plaats in de zin: 6 begin, 8 midden, 6 einde
- Zinsoorten: 20 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Crista
- In deze selectie staat "crista" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 17.3 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral ontwikkelde, bekkenkam, aanzienlijke, cnemialis, fibularis en renalis op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "crista".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn de crista cnemialis is en de aanzienlijke crista deltopectoralis op. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "crista" dicht bij woorden als aangeefster, aangeland en aanstelde, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met crista
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
De crista cnemialis is goed ontwikkeld. (6 woorden)
Samen met de crista renalis vormt het de crista urogenitalis. (10 woorden)
De bovenrand van het bekkenbot wordt de bekkenkam, crista iliaca, genoemd. (11 woorden)
De bovenkant van de zijkant van de hersenpan is overlangs in tweeën gedeeld door een opvallende richel, de crista prootica, die boven de trog loopt waarin zich de gehooropeningen bevinden, de fossa otica. (33 woorden)
De crista cnemialis is dik en de lobben aan de achterzijde van het bovenvlak zijn opvallend afgerond, ver uiteenstaand en gescheiden door een diepe V-vormige inkeping. (27 woorden)
Ook de zijwaartse buitenste verbreding van het achterste bovenvlak staat duidelijk van de crista cnemialis af — maar ook van de crista fibularis, een typisch tetanuur kenmerk. (26 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
Ook de zijwaartse buitenste verbreding van het achterste bovenvlak staat duidelijk van de crista cnemialis af — maar ook van de crista fibularis, een typisch tetanuur kenmerk.
Samen met de crista renalis vormt het de crista urogenitalis.
Anders dan Peng stelde is het scheenbeen bovenaan sterk verbreed met een krachtig ontwikkelde crista cnemialis.
Basaal is dat op het scheenbeen een middelste secundaire kam naast de crista cnemialis ontbreekt.
Bij deze wervel verbindt de crista transversoobliqua het doornuitsteeksel bovenaan met de tori dorsales.
Bij het opperarmbeen heeft de crista bicipitalis geen groeve in de vorm van een putje.
Bovenaan het scheenbeen steekt de crista cnemialis als een bijl sterk naar voren.
Dat wordt bevestigd door een kort scheenbeen dat boven vooraan geen grote crista cnemialis heeft maar wel een aanzienlijker achterste uitsteeksel.
De binnenste voorzijde is verdikt en verruwd voor het contact met de crista fibularis.
De bovenkant van de zijkant van de hersenpan is overlangs in tweeën gedeeld door een opvallende richel, de crista prootica, die boven de trog loopt waarin zich de gehooropeningen bevinden, de fossa otica.
De bovenrand van het bekkenbot wordt de bekkenkam, crista iliaca, genoemd.
De buitenste epicondyle heeft de gebruikelijke basale vorm: sterk uitstekend met een lange crista brachioradialis.
De buitenste verbreding van het bovenvlak is laag en zwak ontwikkeld maar loopt via een richel naar beneden uit in de crista fibularis.
De crista antotica loopt van de processus bicipitatis naar beneden en splitst zich, met een zwak gevormde achterste tak.
De crista cnemialis is bijlvormig in zijaanzicht, met een afhangende lobvormige punt die verder van de schacht afstaat dan het boveneinde.
De crista cnemialis is dik en de lobben aan de achterzijde van het bovenvlak zijn opvallend afgerond, ver uiteenstaand en gescheiden door een diepe V-vormige inkeping.
De crista cnemialis is goed ontwikkeld.
De crista deltoidea maakt een hoek van 75° met het blad.
De crista fibularis is kort, het bovenste vijfde deel van de schacht beslaand maar voor de bovenkant ophoudend.
De duidelijkste indicatie is de aanzienlijke crista deltopectoralis op het opperarmbeen, relatief groter dan bij veel moderne vogels.
Veelvoorkomende combinaties met crista
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "crista" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "crista" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl