Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Datgene.

Datgene

Datgene betekenis

gewoonlijk als antecedent voor een bijzin die zaak (die..) waarbij het gaat over een ding, bij een persoon spreken we van diegene

Voorbeeldzinnen (20)

Datgene wat er niet wordt gezegd, datgene waar de troonrede niets over zegt, datgene wat u dagelijks weer aan onzin van dit kabinet moet verwerken, datgene waar de pers niet over schrijft, dat is belangrijker.

Soms denk ik wel eens dat men zo bang voor een herhaling van WOII, dat men alles op alles zet om datgene waar WOII voor stond, om datgene proberen te voorkomen, dat men niet merkt dat men JUIST precies datgene aan doen wat willen voorkomen.

Haat voor datgene waar zijn bang voor waren, voor datgene wat anders is.

Enkel datgene waarvan wij met zekerheid weten dat het ons "bindt", dus alleen datgene wat totaal ongevaarlijk is, niet meer uitdaagt, niet kan schuren, mag blijven bestaan.

Datgene wat typerend was, werd benadrukt (tot op het karikaturale en onflatteuze af, zoals het pruilmondje van de vrouw, het lange gezicht van de man), en datgene wat niet essentieel was, werd veronachtzaamd.

Hij wil laten zien dat filosofische problemen slechts misverstanden over de logica van de taal zijn, door duidelijk de lijn te trekken tussen datgene waarover gesproken kan worden en datgene waarover niet gesproken kan worden.

Sukkel die je bent als je daar aandacht aan besteed, maar helaas je denkt je identiteit te moeten ontlenen of alleen kunt ontlenen aan datgene wat je hebt, wat je bezit en niet aan datgene wat je in potentie zou kunnen of moeten zijn.

Niet het recht van de sterkste maar het recht van datgene wat het beste werkt, datgene wat het meeste voordeel en vrede en comfort en vrijheid oplevert.

Datgene wat zich voordoet is immers vaak niet datgene wat wij denken dat het is.

De uitgeslotenen zullen enkel datgene verlangen dat ze kennen, datgene dat begrijpelijk is voor hen.

Wij zullen ook al datgene trachten te verrigten, wat wij ons verbeelden dat de menschen (*) met blijdschap aanschouwen, en daarentegen afkeerig zijn om datgene te verrigten, waarvan wij ons verbeelden dat de menschen afkeerig zijn.

In die ontwikkeling lijkt het constante element, datgene waardoor hij als filmer zo herkenbaar is, nu juist die openheid te zijn, de bereidheid tegenstellingen naast elkaar te laten bestaan, datgene wat hij nu veeltaligheidÂ’ noemt.

Bij datgene wat duidelijk gemaakt wil worden ligt het qua abstractie nog moeilijker omdat het geen echte ervaring is maar datgene wat ervaring waarneemt.

Tot een zaak behoort al datgene dat volgens de verkeersopvatting een onderdeel van een zaak uitmaakt en datgene dat zo hecht met de (hoofd)zaak is verbonden, dat het zonder beschadiging niet verwijderd kan worden.

Uit zijn definitie leidde Anselmus zijn godsbewijs af: als God 'datgene dan wat zich niets hogers denken laat' is, dan is de hoogst denkbare vorm 'datgene dat werkelijk bestaat en dan wat zich niets hogers denken laat'.

Er zijn drie soorten onwetendheid: niets weten, slecht weten en niet datgene weten, wat nodig is te weten.

Datgene, waar eender welke dwaas om lacht, hoeft niet altijd humor te zijn.

Dit horloge lijkt op datgene dat ik gisteren verloren heb.

Datgene dat je hebt gezegd, is complete onzin.

Iedereen hoort alleen datgene, wat hij begrijpt.