Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Dimlichten.

Dimlichten

Dimlichten | Dimlicht

Voorbeeldzinnen (16)

De lichten van een auto zijn de grote lichten, de dimlichten, de standlichten, de richtingsaanwijzers, de noodknipperlichten, de achterlichten en de remlichten.

Alleen worden voornamelijk onderzoeken behandeld uit een tijd dat auto’s geen sensoren en veel minder sterke dimlichten hadden.

De tegenliggers kijken tegen de zon in en zien je beter als je met dimlichten rijdt.

Gewoon uit je doppen kijken, deden we 20/30 jaar geleden ook al zonder DRL’s of dimlichten overdag.

Op de motor zijn dimlichten overdag verplicht.

Ik rij altijd met de dimlichten aan zodat ik altijd goed kan zien en gezien word.

Sterker nog je krijgt een boete als je je dimlichten vergeet aan te zetten.

Voor die linkse idioten is die hoofddoek wat een stel dimlichten is voor een hert.

Bij mijn auto gaan de dimlichten altijd aan op stand ‘auto’.

Het is namelijk bij mist gewoon verplicht om de dimlichten aan te hebben.

Tussen het vallen van de avond en het aanbreken van de dag, behalve bij dreigend gevaar, moeten de geluidssignalen vervangen worden door het kortstondig en afwisselend aansteken van de grootlichten en de dimlichten.

Een wereld vol onspoorde dimlichten.

Ik rij altijd met dimlichten aan.

Ten eerste: Ja, zo werkt politieke correctheid dus, stelletje dimlichten.

Verder wordt deze versie standaard voorzien van onder meer automatische dimlichten, regensensor, mistpitten vóór, automatische airco en cruise control.

Achterlichten en de verlichting van de achterkentekenplaat moeten steeds gelijktijdig met grote lichte, dimlichten, stadslichten of mistlichten branden.