Bekijk voorbeeldzinnen, synoniemen en woordvormen van Dom.

Dom

Dom betekenis

kathedraal, de hoofdkerk van een bisdom | dak in de vorm van een halve bol | Portugese eretitel

Synoniemen van Dom

Dom translation to English

Voorbeeldzinnen (20)

Dom, dom, dom om de kiezer dom te noemen omdat ze niet langer in fabels geloven.

Dom dom dom, je mond pas open doen als het nodig is.

Even alles in perspectief plaatsen, Britt is een dom blondje die niet dom is maar dom acteert.

Ik weet niet of je dom doet of dom bent maar je praat wel dom.

Niet doen want dom, dom, dom.

Wat een dom, dom, dom klootjesvolk hebben we toch.

En wie dan nog met z'n blote gat online gaat: dom dom dom.

Dat moet je alleen niet wegmoffelen of goedpraten, dat is dom dom dom, gewoon eruit gooien maar er geen drama van maken.

Als dom kutvolk dom kutvolk gaat uitmaken voor dom kutvolk is het einde zoek.

Dom, dom, dom, Dieven van hun eigen portemonnee.

Dom dom dom volk dat het niet ziet: het is links die het gedaan heeft.

Dom dom dom, want de Renaults hebben wél wat snelheid vandaag.

En het ergste is nog wel als je het dan goed wilt doen zoals het hoort dus doorrijdt naar het begin van de uitvoegstrook dat niemand je er tussen laat… dom dom dom.

Wel kan deze man toekomstig werk op zijn buik schrijven, dom dom dom.

Dom volk wordt obesitas omdat dom volk te dom is om zichzelf te beheersen.

Kinderen maken in onzekere tijden is a. dom dom dom en b. aso tegenover het kind.

Spel dom, beoefenaars er van dom, en de aanhang ook dom.

Te dom om risico te spreiden, te dom om een plan te hebben in matige tijden, te dom om zijn eigen doodvonnis te tekenen.

Voor de rest: dom, dom, dom, Geert.

Weet je wie ook altijd begint te schuimbekken en dan heel hard “dom, dom, dom” begint te krijsen als heel veel mensen het niet met hem/haar/het eens zijn?