Leer het woord Doopboek beter kennen met 10+ echte voorbeeldzinnen, de betekenis.
Doopboek betekenis
register dat voor 1811 door kerkelijke gemeenten werd bijgehouden en waarin de namen van gedoopte kinderen, hun geboorte- en doopdatum, en de namen van hun ouders en getuigen werden genoteerd
Gebruik van Doopboek
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: register dat voor 1811 door kerkelijke gemeenten werd bijgehouden en waarin de namen van gedoopte kinderen, hun geboorte- en doopdatum, en de namen van hun ouders en getuigen werden genoteerd
- In het voorbeeldencorpus komt doopboek vaak voor in combinaties zoals: het doopboek, doopboek van, een doopboek.
Context rond Doopboek
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 18.1 woorden
- Plaats in de zin: 6 begin, 11 midden, 3 einde
- Zinsoorten: 20 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Doopboek
- In deze selectie staat "doopboek" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 18.1 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral bredevoorts, staat, vermeld en verpondingsregister op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "doopboek".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn bronnen één doopboek verpondingsregister of en een doopboek van sluis. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "doopboek" dicht bij woorden als aacc, aalbregt en aalto, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met doopboek
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Geen kinderen in het doopboek van Tolbert. (7 woorden)
Een doopboek van Sluis in deze periode ontbreekt. (8 woorden)
In het doopboek staat wel de geboortedatum, maar geen geboorteplaats vermeld. (11 woorden)
Natuurlijk bestaat nog de mogelijkheid dat hij toch in 'n andere plaats is gedoopt, of wellicht onder een andere naam in 't doopboek voorkomt zodat wij zijn doopinschrijving in deze tijd niet meer als zodanig herkennen. (36 woorden)
In 1836 komt de naam voor het eerst in officiele stukken voor, o.m. in het doopboek van Hellendoorn, en op de door Boelens in 1838 uitgegeven kaart van Overijssel wordt eveneens de naam Nijverdal gevonden. (36 woorden)
De meeste bronnen op de pagina's van het project Van Papier naar Digitaal, zijn enkelvoudige bronnen: één doopboek, verpondingsregister of Quotisatiekohier dat hooguit door een aantal mensen is volgeschreven. (30 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
Er is onduidelijk over de doop, omdat het doopboek van de kerk verloren is gegaan.
In het doopboek staat wel de geboortedatum, maar geen geboorteplaats vermeld.
In de loop der jaren zijn veel nuttige sites met bijvoorbeeld bronbewerkingen, zoals een bewerking van een doopboek van de een of andere plaats, verdwenen.
In de Grote kerk is onder andere het orgel, de Bohemer preekstoel, de consistorie, het zilveren avondmaalstel en een doopboek uit 1610 te zien.
Als vader van Jacob Sighers in 1727 is in het doopboek vermeld Roelef Alberts, maar dit is blijkbaar een fout.
De Davelaars komen in 1652 al in het doopboek van Scherpenzeel voor.
De familienaam Hart is merkwaardig maar staat zo in het doopboek.
De meeste bronnen op de pagina's van het project Van Papier naar Digitaal, zijn enkelvoudige bronnen: één doopboek, verpondingsregister of Quotisatiekohier dat hooguit door een aantal mensen is volgeschreven.
Een doopboek van Sluis in deze periode ontbreekt.
Geen kinderen in het doopboek van Tolbert.
Haar achternaam werd in het doopboek van Rotterdam erg verbasterd; zij werd genoemd "De Bravie", "de Braamis".
Het doopboek van Hellum is voor de periode 1690-1700 sterk beschadigd.
In het doopboek staat echter "Jan Cornellis zoon van Harmen Rotgers en Elsje Cornelis van Eelde".
Trijntje en haar broer Cornelis zijn vermoedelijk vóór juni 1732 geboren: zij worden niet in het doopboek van Brakel (noch in dat van Loevestein) genoemd.
Natuurlijk bestaat nog de mogelijkheid dat hij toch in 'n andere plaats is gedoopt, of wellicht onder een andere naam in 't doopboek voorkomt zodat wij zijn doopinschrijving in deze tijd niet meer als zodanig herkennen.
In 1836 komt de naam voor het eerst in officiele stukken voor, o.m. in het doopboek van Hellendoorn, en op de door Boelens in 1838 uitgegeven kaart van Overijssel wordt eveneens de naam Nijverdal gevonden.
In de zomer van 1649 was Hendrickje even terug in Bredevoort; ze wordt als doopgetuige vermeld in het Bredevoorts doopboek.
Notitie in doopboek: "uijt de quadijker koog d'vader Luters dooppeet geantwoord".
De eerste inschrijving van zijn hand (in het doopboek) dateert van 29 nov. 1620.
Volgens het doopboek heeft de vader onmiskenbaar slechts één voornaam: Tobias.
Veelvoorkomende combinaties met doopboek
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "doopboek" in een zin?
Wat betekent "doopboek"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "doopboek" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl